Pieter Pekelharing

Het foute denken

Impliceert het niet langer betwiste ‘politiek fout (geweest) zijn’ van een filosoof als M. Heidegger de verwerpelijkheid en waardeloosheid van heel zijn filosofisch denken, dat dan de eigenlijke wortel van die foute houding heet te zijn? De auteur pleit voor een, ook intellectueel bevredigender benadering van postmodernistische tolerantie, die oog blijft hebben voor de relatieve onafhankelijkheid tussen het filosofisch oeuvre enerzijds (mét zijn mogelijke originaliteit en authenticiteit) en de politieke (en nog een heleboel andere) gedragingen van de schrijver ervan anderzijds.

verschenen: Juni 1988, blz. 781

jaargang: 55/09

Sloterdijk en zijn verwilderde verticaliteit
Een gemeenschap van eenzame wandelaars (II)
Een gemeenschap van eenzame wandelaars (I)
De banaliteit van het moreel kompas
De windstilte van de ziel
Hannah Arendt over denken als verzet in duistere...
Camus over mateloosheid als crisis van het mens-zijn
Beschermen zonder af-schermen
Albert Camus over revolte en gematigde burgerlijke ongehoorzaamheid
Crisis Zonder Oordeel
Besluit: Van ik naar wij
Vrijheid tegen wil en dank
Een einde aan de eindtijd
Een pleidooi voor historisch begrijpen
Zelfzorg en opofferingsmoraal
Verdien je vanuit moreel oogpunt wat je financieel...
Waarom net deze tijd Habermas nodig had
Religie en de moderne tijd
Waar komt moraliteit vandaan? Een dialoog in mij
De vele levens van Ludo Abicht
Onvrije wil
Bladwijzers in Boek Europa
De maakbare mens
De les van Gyges
Het gebrul van de onheuglijke waterval (II)
Het gebrul van de onheuglijke waterval (I)
Een vergeten stem in de receptie van Heinrich...
Ethiek in praktijk en theorie van de gezondheidszorg
Verstond Tocqueville de democratie?
Waarom we bang zijn