Koen Boey

Kunstmatige inseminatie

In medische kringen pleegt men kunstmatige inseminatie en aanverwante ingrepen te hanteren als nieuwe, louter technische vormen van hulpverlening, waarbij de ‘filosofen’ dan maar moeten uitmaken welke status of waarde men aan het menselijk embryo wenst of dient toe te kennen. Als filosoof betoogt de auteur dat deze zienswijze die zich uitsluitend met medische technieken heet in te laten, willens nillens bepaalde en allicht betwistbare, ethische premissen impliceert, die enige expliciete behandeling verdienen. kunstmatige inseminatie

verschenen: Oktober 1988, blz. 13

jaargang: 56/01

Artificiële Intelligentie en de verleiding van Thanatos
Sloterdijk en zijn verwilderde verticaliteit
Een gemeenschap van eenzame wandelaars (II)
Een gemeenschap van eenzame wandelaars (I)
De banaliteit van het moreel kompas
De windstilte van de ziel
Hannah Arendt over denken als verzet in duistere...
Camus over mateloosheid als crisis van het mens-zijn
Beschermen zonder af-schermen
Albert Camus over revolte en gematigde burgerlijke ongehoorzaamheid
Crisis Zonder Oordeel
Besluit: Van ik naar wij
Vrijheid tegen wil en dank
Een einde aan de eindtijd
Een pleidooi voor historisch begrijpen
Zelfzorg en opofferingsmoraal
Verdien je vanuit moreel oogpunt wat je financieel...
Waarom net deze tijd Habermas nodig had
Religie en de moderne tijd
Waar komt moraliteit vandaan? Een dialoog in mij
De vele levens van Ludo Abicht
Onvrije wil
Bladwijzers in Boek Europa
De maakbare mens
De les van Gyges
Het gebrul van de onheuglijke waterval (II)
Het gebrul van de onheuglijke waterval (I)
Een vergeten stem in de receptie van Heinrich...
Ethiek in praktijk en theorie van de gezondheidszorg
Verstond Tocqueville de democratie?