Georg Trakl (1887-1914) was een Oostenrijkse dichter, die weliswaar als gymnasiast al begon te dichten, maar wiens eerste bundel, Gedichte, pas verscheen in 1913, een jaar voor zijn vroegtijdig overlijden aan een overdosis cocaïne (waarbij overigens de vraag onbeantwoord is gebleven of er sprake was van een ongeval dan wel van zelfdoding). Trakl wordt vaak tot het expressionisme gerekend, hoewel zijn werk ook symbolistische invloeden laat zien – hem ondubbelzinnig plaatsen in een bepaalde literaire stroming lijkt dan ook niet goed mogelijk. In het Nederlandse taalgebied is in de loop der jaren het nodige van zijn werk vertaald, onder meer door Huub Beurskens – Het zwijgen in de steen (1981) –, Frans Roumen – Gedichten (1990), in de onvolprezen AMBO Tweetalig reeks – en Stefaan van den Bremt – In zusters tuin. Een keuze uit de gedichten (2019) –.
Onlangs verscheen van de hand van Joep à Campo, tot aan zijn pensionering verbonden aan de Faculteit Historische, Kunst- en Cultuurwetenschappen van de Erasmus Universiteit Rotterdam, het boek Georg Trakl – paradijs en apokalyps. Het bevat de tekst en vertaling van een twintigtal gedichten, en een uitgebreide toelichting bij elk gedicht. Daarnaast zijn er een Inleiding – op het bepaald dramatische leven van Trakl en op zijn werk– en een Besluit. Met deze uitgave beoogt À Campo ‘de belangstelling voor de poëzie van Trakl levendig te houden, zowel om haar schoonheid als om haar geestesvlam’. (blz. 17) De auteur bedoelt zijn vertaling eerst en vooral ‘als handreiking voor nederlandstalige lezers. Om de inhoudelijke nuances en de dichterlijke welklank ten volle te waarderen blijft het lezen en horen van de Duitse tekst beslist noodzakelijk’. (blz. 18) Juist om die reden is het een goede keuze geweest het Duitse origineel en de vertalingen op tegenoverliggende bladzijden te plaatsen. De gekozen gedichten vormen een doorsnede uit het werk van Trakl, met enige nadruk op zijn latere poëzie.
Resultaat is een prachtig uitgegeven boek – mede door de schitterende illustraties, deels ronduit bijzondere foto’s die de auteur heeft gemaakt –, dat voor lezers die niet bekend zijn met het werk van Trakl een mooie kennismaking is met deze Oostenrijkse dichter. De toelichtingen op de gedichten zijn verhelderend, juist ook doordat À Campo geregeld verwijst naar niet in dit boek opgenomen en besproken gedichten, en zo belangrijke thema’s in diens oeuvre als geheel aanduidt. Uit de toelichtingen blijkt ook, hoezeer À Campo vertrouwd is met het werk van, en de secundaire literatuur over Trakl. Jammer genoeg is de uitgave niet helemaal vrij van kleine slordigheden – zo wordt Kaspar Hauser, de bekend en zelfs legendarisch geworden Duitse vondeling uit het begin van de negentiende eeuw over wie Trakl het gedicht ‘Kaspar Hauser Lied’ schreef, een paar keer ‘Karl Hauser’ genoemd. (blz. 129) Desondanks is dit boek meer dan geslaagd als kennismaking met het werk van Trakl, en ook voor degenen die al vertrouwd zijn met diens poëzie een mooie en informatieve aanwinst.
Joep à Campo, Georg Trakl – paradijs en apokalyps, ArtScape | ArteVista, Rotterdam, 2024, hardback, 220 blz., geïllustreerd, ISBN 978-90-77232-118, € 39,00