Heeft Donald J. Trump een ideologie, en wat is die? Het eerste deel van de vraag is overbodig: ieder individu heeft een ideologie en als we menen dat iemand die niet heeft, dan is dat omdat zij een mengelmoes is van stukjes uit verschillende kaders die eenvoudig opnieuw zijn geordend, en daarom moeilijk van een etiket te voorzien. Maar dat betekent niet dat er geen ideologie is. Het tweede deel is de hamvraag, want als we de ideologie van Donald J. Trump in elkaar zouden kunnen zetten, zouden we kunnen voorspellen of raden (het element van wisselvalligheid is groot) hoe zijn beleid er de komende vier jaar uit zou kunnen zien.
De reden dat de meeste mensen niet in staat zijn een samenhangend betoog over de ideologie van Trump te geven, is dat zij ofwel zijn verblind door haat ofwel hem verafgoden; of omdat zij niet in staat zijn wat zij van hem zien onder te brengen in een ideologisch kader, met daarop een naam waaraan zij zijn gewend.
Laat me, voordat ik probeer de vraag te beantwoorden, twee naar mijn mening volkomen verkeerde aanduidingen afwijzen die met Trump worden verbonden: fascist en populist. Als fascist als scheldwoord wordt gebruikt, dan is het in orde en kunnen we het vrijelijk gebruiken. Maar als term in een rationeel debat over de overtuigingen van Trump is hij verkeerd. Fascisme als ideologie omvat (i) een uitsluitend nationalisme, (ii) verheerlijking van de leider. (iii) een nadruk op de macht van de staat, als tegengesteld aan individuen en het bedrijfsleven, (iv) een afwijzing van het meerpartijenstelsel, (v) corporatistische heerschappij, (vi) het vervangen van de klassenstructuur van de samenleving door gecentraliseerd nationalisme, en (vii) een bijna religieuze verering van de Partij, de staat en de leider. Ik hoef niet al deze elementen een voor een te bespreken om aan te tonen dat zij bijna geen verwantschap hebben met wat Trump meent of wil doorvoeren.
Zo ook is de term ‘populist’ de laatste tijd een scheldwoord geworden, en hoewel er verschillende (in mijn ogen weinig succesvolle) pogingen zijn ondernomen hem beter te omschrijven, staat hij in werkelijkheid voor leiders die verkiezingen winnen, maar op een programma dat ‘ons’ niet aanstaat. Dan wordt de term betekenisloos.
Wat zijn nu de bestanddelen van de ideologie van Trump die we zouden hebben kunnen ontwaren gedurende de vier eerdere jaren van zijn heerschappij?
Mercantilisme. Mercantilisme is een aloude en heilige ideologie die economische activiteit, en in het bijzonder de handel in goederen en diensten tussen staten, ziet als een nulsomspel. In de geschiedenis ging het samen met een wereld waarin goud en zilver rijkdom vormden. Wanneer je aanneemt dat de hoeveelheid goud en zilver beperkt is, dan is de staat (en zijn leider) die het meeste goud en zilver (alle andere goederen buiten beschouwing latend) bezit duidelijk het machtigste. De wereld is sinds de zeventiende eeuw veranderd, maar veel mensen geloven nog steeds in de mercantilistische leer. Wanneer je bovendien aanneemt dat handel enkel een oorlog met andere middelen is, en dat China de voornaamste rivaal of tegenstander van de Verenigde Staten is, wordt een mercantilistisch beleid tegenover China een heel natuurlijke reactie. Toen Trump een dergelijk beleid tegenover China begon in 2017, was dit geen deel van het gangbare debat, maar sindsdien is het meer centraal komen te staan. De regering-Biden ging ermee door, en bouwde het beduidend uit. We kunnen verwachten dat Trump het zal verdubbelen. Maar mercantilisten zijn handelaars, en dat zal Trump zijn: indien China instemt met minder verkopen en meer kopen, dan zal hij tevreden zijn. Anders dan Biden zal Trump niet proberen het Chinese bewind te ondermijnen of omver te werpen. Dus anders dan wat anderen denken, meen ik dat Trump goed is voor China (dat wil zeggen, gezien het alternatief).
Winst maken. Zoals alle Republikeinen gelooft Trump in het bedrijfsleven. Naar zijn mening wordt het bedrijfsleven onredelijk belemmerd door regels, wetten, belastingen. Hij was een kapitalist die nooit belasting betaalde hetgeen, in zijn ogen, simpelweg bewijst wat voor een goede ondernemer hij wel niet was. Maar voor andere, minder grote kapitalisten moeten regels worden vereenvoudigd of afgeschaft, en de belastingen moeten omlaag. Bij die opvatting past de idee dat belastingen op vermogen lager zouden moeten zijn dan belasting op arbeid. Ondernemers en kapitalisten scheppen banen, anderen zijn, in de terminologie van Ayn Rand, ‘klaplopers’. Dit is niets nieuws bij Trump. Dezelfde leer werd vanaf Reagan aangehangen, daarbij inbegrepen Bill Clinton. Trump is dan misschien luidruchtiger en meer open over lage belastingen, maar hij zou hetzelfde doen als Bush sr, Clinton en Bush jr deden. En datgene waarin het liberale icoon Greenspan diep geloofde.
Anti-immigratie ‘nationalisme’. Dit is een echt moeilijk onderdeel. De term ‘nationalisme’ is alleen met een zeker onbehagen van toepassing op Amerikaanse politici, omdat mensen gewend zijn aan ‘uitsluitende’ (geen insluitende) Europese en Aziatische vormen van nationalisme. Als we spreken van Japans nationalisme, bedoelen we dat dergelijke Japanners de etnische niet-Japanners willen uitsluiten van de besluitvorming of aanwezigheid in hun land. Hetzelfde geldt voor Servisch, Ests, Frans of Catalaans nationalisme. Amerikaans nationalisme kan, door zijn aard, niet etnisch of bloed-gerelateerd zijn, gezien de enorme heterogeniteit van volkeren die de Verenigde Staten vormen. Commentatoren hebben daarom een nieuwe term bedacht, ‘wit nationalisme’. Dit is een bizarre term omdat hij huidskleur combineert met etnische (bloed) relaties. In feite, denk ik, is het onderscheidende kenmerk van het ‘nationalisme’ van Trump noch etnisch, noch raciaal, maar eenvoudig zijn hekel aan nieuwe migranten. In wezen is dit niet anders dan het anti-migratie beleid dat wordt gevoerd in het hart van de socio-democratische wereld, in Noord-Europese en West-Europese landen waar rechtse partijen in Zweden, Nederland, Finland en Denemarken menen (in de beruchte woorden van de Nederlandse rechtse leider Geert Wilders) dat hun landen ‘vol’ zijn en niet meer immigranten kunnen opnemen. De visie van Trump is alleen ongebruikelijk omdat de Verenigde Staten, objectief gezien, in geen enkel opzicht een vol land is: het aantal mensen per vierkante kilometer bedraagt 38 in de Verenigde Staten, terwijl het 520 is in Nederland.
Een natie op zich. Als men mercantilisme combineert met een anti-immigratie nationalisme, komt men dichtbij hoe het buitenlands beleid er onder Trump uit zal zien. Het zal het beleid zijn van nationalistisch anti-imperialisme. Ik moet deze termen verhelderen. De combinatie is ongebruikelijk, zeker voor grootmachten: als zij groot, nationalistisch en mercantilistisch zijn, wordt bijna intuïtief ingezien dat zij imperialistisch moeten zijn. Maar Trump weerstaat deze remedie. Hij grijpt terug op het buitenlandse beleid van de Founding Fathers dat ‘buitenlandse verwikkelingen’ verafschuwde. In hun en zijn ogen vormen de Verenigde Staten een machtige en rijke natie, die voor haar eigen belangen zorgt, maar geen ‘onmisbaar land’ op de manier waarop Madeleine Albright het omschreef. Het is niet de taak van de Verenigde Staten om alles wat verkeerd is in de wereld te verbeteren (in de optimistische of zelfingenomen versie van deze leer), noch om zijn geld te verspillen aan mensen en zaken die niets te maken hebben met hun belangen (in de realistische versie van diezelfde leer).
Waarom Trump een hekel heeft aan het imperialisme dat voor beide Amerikaanse partijen na 1945 gemeengoed is geworden, valt moeilijk te zeggen, maar ik denk dat hij er instinctief toe neigt de waarden van de Founding Fathers te omhelzen, en van de Republikeinse tegenstrever van F.D. Roosevelt, Robert Taft, die geloofde in de Amerikaanse economische kracht en geen reden zag die macht om te zetten politieke hegemonie over de wereld.
Dat wil niet zeggen dat Trump de Amerikaanse hegemonie zal opgeven (de NAVO zal niet ontbonden worden), omdat, zoals Thucydides schreef: ‘Ook is het voor u niet meer mogelijk om van die heerschappij afstand te doen, hoewel er sommige mensen zouden kunnen zijn die in een stemming van plotselinge paniek en in de geest van politieke apathie werkelijk denken dat het mooi en nobel zou zijn. U hebt de heerschappij als een tirannie: het is misschien verkeerd haar te hebben aanvaard, maar het is gevaarlijk haar los te laten.’ Maar in het licht van de mercantilistische principes van Trump zou hij de bondgenoten van de Verenigde Staten er veel meer voor laten betalen. Zoals in het Athene van Perikles komt de bescherming niet langer voor niets. Men zou niet moeten vergeten dat de mooie Akropolis die we allemaal bewonderen werd gebouwd met goud dat was gestolen van de bondgenoten.
(Vertaling: Herman Simissen)
Branko Milanović (°1953) is een Servisch-Amerikaanse econoom, onder meer verbonden aan de City University of New York en de London School of Economics. Hij is vooral bekend door zijn werk over inkomensverdeling en ongelijkheid. De oorspronkelijke tekst verscheen op 7 november jl. op http://glineq.blogspot.com/ en wordt hier met toestemming van de auteur in Nederlandse vertaling gepubliceerd.