Op 25 januari herdachten we dat tachtig jaar geleden tijdens de Tweede Wereldoorlog het Ardennenoffensief (‘the Battle of the Bulge’) plaatsvond, van 16 december 1944 tot 25 januari 1945. Daarbij verloren 8407 Amerikaanse soldaten hun leven, 46.170 raakten gewond, en 20.905 zijn vermist. Naar schatting waren er 103.900 Duitse slachtoffers.

Op 27 januari herdenken we de bevrijding van het concentratiekamp Auschwitz. Op 27 januari 1945 werd het naziconcentratiekamp in het bezette Polen bevrijd door het Russische Rode Leger. Historici schatten dat meer dan een miljoen mensen werden ‘vernietigd’ in Auschwitz tijdens de vijf jaar dat het bestond. De meerderheid, rond een miljoen, was Joods. Hoewel de meeste gevangenen waren gedood, waren er ongeveer 7000 achtergelaten. De datum geldt nu als de Internationale Herdenkingsdag voor de Holocaust.

Maar nog een herdenking in 2025, waarover men dezer dagen minder hoort, is die van de tachtigste sterfdag van Dietrich Bonhoeffer (1906–1945).

Dietrich Bonhoeffer was een Duitse predikant, theoloog en antinazi dissident, die een sleutelfiguur was in de oprichting van de Bekennende Kirche  (Belijdende kerk), die ontstond uit verzet tegen door de Duitse regering betaalde pogingen om alle protestante kerken te verenigen tot een enkele, pro-nazi Duitse Evangelische kerk.

Toen ik een student was aan het seminarie in Detroit, Michigan, liet een van mijn docenten mij kennismaken met Widerstand und Ergebung. Briefe und Aufzeichnungen aus der Haft (Verzet en overgave. Brieven en aantekeningen uit de gevangenis), voor het eerst gepubliceerd in 1951. Voor een heel vrome seminariestudent was het een geestverruimende ervaring. Het boek was samengesteld door de Duitse theoloog en predikant Eberhard Bethge (1909–2000), goede vriend van Bonhoeffer. Het was gebaseerd op brieven en teksten die Bonhoeffer had geschreven en ontvangen tijdens zijn gevangenschap in de gevangenis van Tegel, ten noorden van Berlijn.

Bonhoeffer werd in april 1943 gearresteerd door de Gestapo, en anderhalf jaar opgesloten in de gevangenis van Tegel. Later werd hij overgeplaatst naar het concentratiekamp Flossenbürg, bij de Duitse grens met wat toen Tsjechoslowakije was. In Flossenbürg werd Bonhoeffer op 9 april 1945 terechtgesteld door ophanging.

Een jaar voordat de nazi’s hem terechtstelden, schreef Bonhoeffer aan Bethge: ‘Wat me nu onophoudelijk bezighoudt is de vraag naar wat het Christendom werkelijk is, of zelfs wie Christus werkelijk is, voor ons vandaag de dag’.

Bonhoeffer had het gevoel dat de tijd rijp was voor een ‘Christendom zonder religie’, omdat zoveel van de institutionele godsdienst zo vreemd leek aan het Evangelie. Tegenwoordig zou ik zeggen dat hij schreef over het vraagstuk van de ‘verkerkelijking’.

‘Zo ongeveer het laatste jaar’, gaat Bonhoeffer verder, ‘heb ik het diepe van-deze-wereld-zijn van het Christendom beter leren kennen en begrijpen. De Christen is geen homo religiosus, maar eenvoudig een mens zoals Jezus een mens was… Ik ben nog aan het ontdekken, tot op dit moment, dat het alleen door volledig in deze wereld te leven mogelijk is te leren geloven… Met van-deze-wereld-zijn bedoel ik zonder terughoudendheid te leven met de plichten, problemen, successen, mislukkingen en raadsels van het leven. Door dat te doen gooien we onszelf volledig in de armen van God. Dat, denk ik, is geloof. En dat is hoe men een mens en een Christen wordt.’

We weten niet hoe Bonhoeffer deze ideeën zou hebben ontwikkeld. Ik wens dat hij langer had kunnen leven. Ironisch genoeg, werd hij terechtgesteld slechts twee weken voordat soldaten van de Amerikaanse 90e en 97e Infantry Divisions kamp Flossenbürg bevrijdden. En een maand voor de onvoorwaardelijke overgave van de overgebleven Duitse legertroepen op 8 mei 1945, die in Europa een einde aan de Tweede Wereldoorlog maakte.

De geschiedenis herhaalt zich niet, maar sommige historische fouten worden vaak ontkend en herhaald.

We kunnen inderdaad enkele lessen leren uit de tijd van Bonhoeffer, nu we in onze eigen tijd getuige zijn van machtsmisbruik en bedrog door leiders – binnen en buiten de kerk.

Bonhoeffer was verontrust omdat zoveel christelijke kerkleiders (protestant en katholiek) Adolf Hitler (1889–1945) openlijk steunden. Hij was nog meer verontrust omdat zoveel christelijke mannen en vrouwen het onmenselijke nazi regime stilzwijgend steunden door hun eigen zwijgen en nalatigheid.

Adolf Hitler was katholiek gedoopt, maar helemaal geen katholieke gelovige. Hij en zijn nazipartij propageerden een ‘Positief Christendom’, een beweging die de meeste traditionele christelijke leerstellingen afwees. Zijn betrokkenheid bij het ‘Positief Christendom’ was ingegeven door opportunisme, en een pragmatische erkenning van het politieke belang van christelijke kerken. Zij werd ook gepropageerd door de veroordeling door de Nazi Partij van kritiek vanuit de ‘leugenpers’ tijdens de opkomst van Adolf Hitler.

In het ‘Positief Christendom’ van Hitler en zijn overdreven eigenwaan, zagen Hitler en zijn nazi-fanaten de Führer als de heraut van een nieuwe openbaring. Hij beweerde dat Jezus een ‘Arische strijder’ was die streed tegen de ‘macht en pretenties van corrupte Farizeeërs’.

Joseph Goebbels (1897–1945), Reichsminister voor propaganda in Nazi-Duitsland van 1933 tot 1945, schreef in april 1941 in zijn dagboek dat, hoewel Hitler een krachtige tegenstander van het Vaticaan en het christendom was, ‘… hij mij verbiedt de kerk te verlaten, uit tactische overwegingen’. In zijn memoires schrijft Albert Speer (1905–1981), de minister van Bewapening en Munitie van Hitler, dat Hitler ‘de kerk zag als een instrument dat nuttig voor hem kon zijn’.

Ik beveel een boek van Doris L. Bergen, Between God and Hitler: Military Chaplains in Nazi Germany (Cambridge University Press, 2023) aan om meer te lezen over dit onderwerp, en erover na te denken.

Het werk van Bergen draagt bij aan het hedendaagse wetenschappelijk onderzoek naar het gedrag van de christelijke clerus tijdens de nazitijd. Hoe reageerde de christelijke clerus op de vervolging van Joden en mensen met een beperking? Bergen toont aan dat legeraalmoezeniers onverschillig tegenover hun lijden stonden. Het verlangen verzet tegen de nazipolitiek te vermijden overheerste onder de legeraalmoezeniers, net als onder de andere leden van de clerus.

 

De geschiedenis herhaalt zich niet, maar sommige historische fouten worden vaak ontkend en herhaald…

 

(vertaling: Herman Simissen)

 

 

Reageren? Mail naar jadleuven@gmail.com

 

John Alonzo Dick (*1943) bekleedde als derde the Chair for the Study of Religion and Values in American Society aan de KU Leuven. Hij is voormalig academisch decaan van het American College van de KU Leuven en hoogleraar. Hij publiceerde onder meer samen met K. Schelkens en J. Mettepenningen A Aggiornamento? Catholicism from Gregory XVI to Benedict XVI (Brill, Leiden en Boston, 2013). Recent verscheen zijn boek Jean Jadot: Paul’s Man in Washington (Another Voice Publications 2021), een biografie van de Belgische bisschop Jean Jadot die van 1973 tot 1980 Apostolisch Afgevaardigde in de Verenigde Staten was.

Surinamer in de Oost
Nachtmis
De maakbare mens
Hoe lang is de antifascistische oorsprongsmythe van de...
‘J’avais toujours raison’
Een ‘politieke kosmos’? Over de pedagogie van straatnamen
Duivelse armoe
Dr. Morell en Patiënt A
Christendom en burgerlijk gezag
‘Rwanda valt aan, Rwanda wordt niet aangevallen’ (Urwanda...
Dubbele politieke moord
Wat vertellen we onze kinderen (niet)?
Een jurk vertelt
Filip de Pillecyn als links-progressieve journalist
Numineuze slachtoffers
Wetenschap, een sisyfusarbeid
Nog een herdenking in 2025
De onverwachte val van Assad
Woorden zijn wapens. Over Robert Brasillach
Een mooi kijkboek, meer niet
Deportatie naar het paradijs: joden in Mauritius 1940-1945
Het kleedje voor Hitler: een boekbespreking
Het einde en het begin van de geschiedenis
Begrensde Tolerantie, Botsende Meningen
Taiwan: de nalatenschap van Nederlandse handel
Gedeelde grond
Moeten arme landen arm blijven?
Oudheidkunde op maat
De eeuwige actualiteit van het verleden: Het Adrianus-dossier
Beyond the Wall van Katja Hoyer