Broers en politieke tegenstanders

‘De rode jonker’ werd hij genoemd: jonkheer Marinus van der Goes van Naters (1900-2005). Van adellijke afkomst, maar vanaf 1920 lid van de Sociaal-Democratische Arbeiders Partij (SDAP). Nadat hij in 1923 in Leiden zijn studie rechten had afgerond, keerde hij terug naar zijn geboorteplaats Nijmegen, waar hij ging werken in het advocatenkantoor van zijn vader. Tegelijkertijd werd hij politiek actief, en groeide al snel uit tot een vooraanstaande figuur binnen de SDAP. In 1937 werd hij, inmiddels gepromoveerd en als zelfstandig advocaat gevestigd in Heerlen, gekozen in de Tweede Kamer. Hij nam afscheid van de advocatuur, en richtte zich op een loopbaan in de politiek, die zou doorlopen tot 1967. Tot vlak voor de Tweede Wereldoorlog bleef hij binnen en buiten het parlement ageren tegen het nationaalsocialisme. Juist vanwege zijn prominente positie in de Nederlandse politiek werd hij van 11 mei 1942 tot september 1944 door de Duitse bezetter als gijzelaar gevangen gehouden in Sint-Michielsgestel, en met hem een aanzienlijk deel van de Nederlandse politieke elite. Na de oorlog was hij invloedrijk, niet alleen als fractievoorzitter van de Partij van de Arbeid (zoals de sociaaldemocraten zich na de oorlog noemden) in de Tweede Kamer, maar ook daarbuiten – bijvoorbeeld door zijn inzet voor de natuurbescherming, en voor de Europese eenwording, onder meer als lid van het Europees Parlement. Na zijn actieve loopbaan bleef hij tot op zeer hoge leeftijd vanuit zijn woonplaats Wassenaar zijn vaak ongezouten commentaren geven op ontwikkelingen in de Nederlandse politiek, en in de PvdA in het bijzonder.

Landelijk veel minder bekend was zijn oudere broer Willem van der Goes van Naters (1897–1944), die eveneens rechten had gestudeerd in Leiden, maar na zijn afstuderen zijn draai niet wist te vinden, beroepsmatig noch persoonlijk. Ook na zijn huwelijk bleef hij zoeken naar een levensvervulling, tot hij vroeg in de jaren dertig in de ban raakte van het nationaalsocialisme, waarna hij als jurist snel carrière maakte binnen de NSB, en zelfs betrokken was bij een poging om de als ‘te slap’ beschouwde leider van die beweging, Anton Mussert, af te zetten. Vanwege die betrokkenheid werd hij geroyeerd uit de NSB. Uiteindelijk ging hij in de zomer van 1942 in Duitse krijgsdienst, als officier in de Wehrmacht, waar hij eveneens als jurist werd ingezet. In 1944 kwam hij om het leven, onder nog altijd niet opgehelderde omstandigheden – al lijkt het alleszins waarschijnlijk dat hij werd gedwongen zelfmoord te plegen, mogelijk vanwege zijn geaardheid.

Twee broers, met dezelfde achtergrond, opvoeding en opleiding, en dan zo uitgesproken tegengestelde politieke keuzes in de jaren dertig en tijdens de Tweede Wereldoorlog – hoe valt dit te verklaren? Dit is de vraag die historica Daniela Hooghiemstra stelt in haar onlangs verschenen boek De rode en de zwarte jonker. De oorlog van Marinus en Willem van der Goes van Naters. Terzijde zij opgemerkt dat het, anders dan Hooghiemstra lijkt te denken, ook weer niet zo heel uitzonderlijk is dat binnen een gezin verschillende of zelfs tegengestelde politieke keuzes worden gemaakt. ‘Brother against brother’ is een zinsnede die vaak wordt gebruikt met betrekking tot de Amerikaanse Burgeroorlog, en die oorlog was daarin bepaald niet uniek.

Anders dan de ondertitel doet vermoeden, gaat de auteur in haar boek ook uitvoerig in op het leven van beide broers voorafgaand aan de oorlog, vanaf hun kinder- en jeugdjaren in Nijmegen. Zij besteedt veel aandacht aan de seksuele geaardheid van de gebroeders; beiden waren, hoewel getrouwd en vader, homoseksueel en hadden naast hun huwelijk zorgvuldig verborgen gehouden verhoudingen met mannen. Voor Willem speelde deze geaardheid mogelijk een rol in zijn keuze voor het nationaalsocialisme, suggereert de auteur, dat immers weliswaar homoseksualiteit krachtig afwees, maar ook sterk de nadruk legde op mannelijkheid, kameraadschappelijkheid en fysieke kracht, en op de esthetiek van een gespierd mannelijk lichaam (en de rol van vrouwen voornamelijk beperkt zag tot het baren van kinderen). Overigens beklemtoont Hooghiemstra dit wel erg sterk; als verklaring van de politieke keuzes van Willem lijkt me de verwijzing naar zijn seksuele geaardheid bepaald niet te volstaan, en dit roept de vraag op of de lange uitweidingen over nationaalsocialisme en homoseksualiteit, op zich overigens niet oninteressant, echt nodig zijn in dit boek.

Hoe dit ook zij, De rode en de zwarte jonker is een boeiend en bij vlagen fascinerend boek, juist omdat de auteur uitgebreid gebruik heeft kunnen maken van materiaal uit de persoonlijke nalatenschap van de beide broers – van Marinus was er overigens meer materiaal beschikbaar dan van Willem – dat inzicht biedt in hun levens, in de keuzes die zij hebben gemaakt. Is daarmee verklaard waarom de een koos voor de sociaaldemocratie, en de ander voor het nationaalsocialisme? Dat niet – met name de keuze van Willem blijft ook na lezing van deze helder geschreven studie enigermate raadselachtig: waarom toch voelde hij zich zo sterk aangetrokken door het nationaalsocialisme?

 

Daniela Hooghiemstra, De rode en de zwarte jonker. De oorlog van Marinus en Willem van der Goes van Naters, Balans, Amsterdam, 2026, 336 blz., geïllustreerd, paperback, ISBN 9789463824606, € 27,50

Broers en politieke tegenstanders
Alibi Theresienstadt
Slachtoffers of daders?
Dieren in de Middeleeuwen
‘Met de rug naar de toekomst’: een nieuwe...
Straatnamen: een vergeten studie?
Cuchet
Een pleidooi voor historisch begrijpen
Een ideeëngeschiedenis van het Lichtend Pad
‘Een van de twee Spanjes zal je hart...
Surinamer in de Oost
Nachtmis
De maakbare mens
Hoe lang is de antifascistische oorsprongsmythe van de...
‘J’avais toujours raison’
Een ‘politieke kosmos’? Over de pedagogie van straatnamen
Duivelse armoe
Dr. Morell en Patiënt A
Christendom en burgerlijk gezag
‘Rwanda valt aan, Rwanda wordt niet aangevallen’ (Urwanda...
Dubbele politieke moord
Wat vertellen we onze kinderen (niet)?
Een jurk vertelt
Filip de Pillecyn als links-progressieve journalist
Numineuze slachtoffers
Wetenschap, een sisyfusarbeid
Nog een herdenking in 2025
De onverwachte val van Assad
Woorden zijn wapens. Over Robert Brasillach
Een mooi kijkboek, meer niet