Mensen die mij volgen weten dat ik een groot bewonderaar ben van de Sovjet-historici Roy en Zhores Medvedev, en de meeste van hun boeken heb gelezen. (Ik heb eerder al uitgelegd waarom ik hun boeken heel verhelderend vind, ook al moesten zij tot laat in de jaren 1980 werken in isolement, in ballingschap en dus met heel beperkte toegang tot archieven). De laatste twee jaar heb ik twee boeken van Roy Medvedev gelezen over wat hij de ‘onbekende Stalin’ noemt, en een ander dat bekende dissidenten beschrijft (ideologisch en als persoon), van wie uiteraard de meest befaamde Solzjenitsyn en Sacharov zijn, die Roy persoonlijk kende uit de kringen van dissidenten die zij deelden.
Onlangs las ik het boek zijn broer (Zhores) over Andropov. Ik herinnerde mij vaag dat ik het boek had gelezen toen het verscheen, en keek mijn aantekeningen na: ik las het in 1983. Terwijl ik veel van wat Zhores naar voren bracht wist, was ik niet zeker of ik dat uit dit boek wist of uit andere bronnen. Het boek nu lezen, meer dan veertig jaar nadat het verscheen en rekening houdend met er in de tussentijd is gebeurd in de Sovjet-Unie en daarna in Rusland en Oekraïne, roept heel andere gevoelens en gedachten op dan ik moet hebben gehad toen ik het de eerste keer las.
Het boek kan worden gelezen als een standaardbiografie van Yoeri Andropov, maar ook als een bespreking van het late communistische regime in de Brezjnev-variant, en impliciet ook een droom over wat er had kunnen gebeuren als Andropov langer had geleefd om de Sovjet-Unie meer dan anderhalf jaar te regeren. In het verhaal van Medvedev komt Andropov naar voren als een scherpe en kundige technocraat. Zijn eerste belangrijke baan (nadat hij in Karelië voor de Communistische Partij had gewerkt) was bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken, en nogal trouw, als ambassadeur van de Sovjet-Unie in Hongarije tijdens de Opstand van 1956 en de erop volgende onderdrukking door Sovjettanks. In die tijd leerde Andropov Nikita Chroesjtsjov kennen die in het geheim een paar keer naar Hongarije vloog om de politieke en uiteindelijk militaire oplossing van de Hongaarse crisis te coördineren. Vervolgens werd Andropov de secretaris van het Centrale Comité die verantwoordelijk was voor de verhoudingen met de ‘broederpartijen’, hetgeen de heersende partijen in Oost-Europa betekende maar niet, voor zover het uit dit boek kan worden afgelezen, de Chinese Communistische Partij. In 1967 werd hij overgeplaatst om hoofd van de KGB te worden.
Medvedev laat zien dat de positie van hoofd van de KGB destijds belangrijke nadelen had. Zeven van de elf voorgangers van Andropov werden geëxecuteerd. Dit was met name tijdens de heerschappij van Stalin toen de ene na de andere baas van de KGB werd doodgeschoten (Jagoda en Jezjov zijn de meest bekende), ofwel omdat zij al te ijverig waren in de onderdrukking en Stalin afstand van hen wilde nemen, ofwel eenvoudig vanwege de grillen van Stalin, of van zijn verlangen zelfs degenen angst aan te jagen die tot taak hadden de bevolking te onderdrukken. Dit ging door onder Chroesjtsjov toen Beria en vervolgens Merkulov, zijn opvolger, werden geliquideerd. Het was dus een baan die zelfs in de veel kalmere tijden van Chroesjtsjov en Brezjnev nog enige risico inhield. ‘Andropov was de enige die niet alleen de baan overleefde, maar ondertussen zichzelf ook politiek invloedrijker maakte. Ook slaagde hij erin werk voor de geheime dienst een aanvaardbare achtergrond voor een leider van de Communistische Partij te maken. Bovendien werd hij een leider door een normaal proces van opvolging in de partij, veeleer dan door een lange machtsstrijd die veel waarnemers hadden voorspeld’. (blz. 59)
Ten tweede werd dit niet gezien als een bijzonder prestigieuze baan in de hiërarchie van de partij. Het was zeker een belangrijke baan, maar zonder veel onafhankelijke macht, en onder het niveau van leden van het Politburo. Het was zelfs lager dan dat van de vorige baan van Andropov als secretaris van het Centrale Comité, en Medvedev gist dat Andropov kandidaat-lid van het Politburo werd als compensatie. Toen Andropov werd benoemd werd de macht van de KGB ontleend aan de Partij en het Politburo. De KGB voerde beleid uit waarover werd besloten door de partijorganen. Hij had geen zelfstandige rol. Het is belangrijk dit te vermelden omdat veel mensen, misschien beïnvloed door wat tegenwoordig in Rusland gebeurt, er onwillekeurig toe neigen te denken dat de KGB (en zijn voorgangers de GPU en NKVD) een onafhankelijke rol had in de onderdrukking. Niets is minder waar. Deze diensten voerden eenvoudig een beleid uit waartoe werd besloten op politiek niveau, hetzij door het Politburo, hetzij door één persoon (Stalin).
Medvedev maakt ook het belangrijke punt dat zelfs de korte vertaling van KGB als ‘geheime dienst’ verkeerd is. Het is een gemilitariseerde beveiligingsorganisatie. Het is belangwekkend dat net voor de benoeming van Andropov werd besloten dat de KGB uniformen ging dragen Voordien droegen de leden burgerkleding, en de uniformen die er formeel wel waren werden alleen bij verschillende plechtigheden gedragen, maar niet tijdens gewone werkdagen. Het doel van deze beslissing was de KGB te tonen als een gedisciplineerde militaire organisatie waarvan het doel iets anders was dan van het leger, omdat het vredestijd was, maar waarvan het doel uiteindelijk samenviel met dat van het leger.
Medvedev geeft toe dat het voor hem als dissident – afgeluisterd, gevolgd, gevangen gezet en vervolgd door de KGB – moeilijk is objectief te schrijven over het hoofd van die organisatie. Maar hij slaagt erin. In 1982 volgde Andropov een oude en kwakkelende Brezjnev op. Het grootste deel van het boek gaat begrijpelijk genoeg over het tijdperk van Brezjnev. Dit was een tijd van stilstand en verval van de elite, niet alleen in die zin dat mensen aan de macht geneigd waren daar ‘eeuwig’ te blijven, terwijl Brezjnev ervoor zorgde dat zij, zelfs als zij vanwege corruptie of ernstige onbekwaamheid werden overgeplaatst naar een lagere rang, een andere nomenklatoerabaan kregen zodat zij even welvarend bleven. Zo was bureaucratische overleving verzekerd, en het zorgde ervoor dat Brezjnev sterke steun kreeg van de top van de bureaucratie, maar ten koste van een steeds meer inefficiënt economisch en politiek bestuur, lagere groeicijfers, en – iets dat achteraf heel interessant is – een gebrek aan politieke ervaring onder de middenkaders. De reden hiervoor was de volgende: omdat de mensen aan de top hun baan bleven houden tot hun overlijden, werden deze plaatsen en de plaatsen er net onder twintig of dertig jaar ingenomen door dezelfde mensen. Mensen uit het middenkader konden eenvoudig niet omhoog. Zij zouden jaren vastzitten in hun baan, en niet alleen ontmoedigd en ongelukkig worden, maar ook niet de mogelijkheid hebben bestuurlijke vaardigheden op te doen, of te laten zien of zij al dan niet bekwame bestuurders waren.
Zoals Peter Turchin in een vergelijkbare context stelt: er was een overproductie aan elite en dus onvrede bij de elite. Er waren verhoudingsgewijs weinig openingen voor zoveel ambitieuze bureaucraten, en geen gelegenheid om onderscheid tussen hen te maken: wie is er bekwaam, en wie niet. Dit gebrek aan ervaring zou merkwaardig samengaan met frustratie en onvrede.
Ik kan hier niet niet aan Gorbatsjov denken die in 1985 Algemeen Secretaris werd met verhoudingsgewijs weinig ervaring in het bestuur van het land en de economie. Had het systeem onder Brezjnev hogerop komen en aftreden op een of andere ‘gewone’ leeftijd mogelijk gemaakt, dan is het best mogelijk dat het gebrek aan bestuurlijke vaardigheden en de onervarenheid en de naïviteit van Gorbatsjov aan het licht waren gekomen. Ik herinner me dat een Chinese academicus me vertelde dat iemand als Gorbatsjov in China nooit zo dicht bij de macht had kunnen komen omdat in China zijn gebrek aan vaardigheden aan het licht zouden zijn gekomen op regionaal of provinciaal niveau, en hij nooit hoger dan dat zou zijn geklommen. (Gorbatsjov was hoofd van de Partij in de regio Stavropol in Zuid-Rusland, maar zijn succes bij de leiders in Moskou was geen gevolg van zijn geweldige economisch bestuur van Stavropol, maar van de heel goede ligging van de stad, vlakbij de beroemde mineraalbronnen waar veel van de getrouwen van de Partij hun vakantie doorbrachten en Mikhail en Raisa leerden kennen – beiden veel charmanter en meer ontwikkeld dan de gemiddelde partijleider.) Of dat voordeel van het Chinese system zal blijven voortbestaan met een meer gerontokratische regering van Xi Jinping is uiteraard een open vraag.
De stabiliteit van het politieke systeem onder Brezjnev berustte op de heel zachte omgang met onbekwame leiders aan de top en vandaar helemaal naar onderen in de piramide. Dergelijke middelmatige figuren behoorden vaak tot de zogenoemde Dnjepropetrovsk (de stad in Oekraïne waar Brezjnev carrière had gemaakt) maffia. Brezjnev zelf had verhoudingsgewijs beperkte macht. Alle belangrijke beslissingen werden genomen door het Politburo waar verschillende heimelijke facties bestonden, eigen aan iedere bureaucratie, die elkaar bestreden. De grote vaardigheid van Brezjnev was het bewaren van het evenwicht en het ophouden van de schijn van eenheid, maar ten koste van de besluitvaardigheid. Het beste beleid was niets te doen. Er bestaat geen twijfel over dat de macht van Brezjnev in de internationale politiek veel kleiner was dan die van een Amerikaanse president. Ik denk hierbij niet aan Trump, die overduidelijk veel macht die eigenlijk niet bij de president hoort aan zich heeft getrokken, maar aan de gemiddelde presidenten die binnen de gebruikelijke beperkingen van hun macht bleven. Zij begonnen zelf oorlogen, of gaven opdracht tot militaire operaties, terwijl dit onmogelijk was voor Brezjnev en de Sovjetleiding na Stalin. Het was een autoritaire leiding door een groep met maar heel beperkte macht voor de persoon aan de top. Het was in feite een oligarchie.
Andropov kwam in 1982 aan de macht, goeddeels dankzij het feit dat de bestaande leiding al zo oud en ongeloofwaardig was in de ogen van de leden van het Politburo en het Centrale Comité (zo goed als van de bevolking, al deed dat er minder toe), die verlangden naar een jongere en meer technocratische persoon. De noodzaak van economische hervormingen was voor iedereen duidelijk, maar niemand wist wat er precies moest worden gedaan. Andropov begreep dat heel goed, en probeerde dingen te verbeteren. De nadruk leggend op de inefficiënties van de Sovjet-Unie, wijst Medvedev op iets dat vaak wordt genegeerd in de literatuur over de Sovjeteconomie: de ongelofelijke verspilling van goederen, vooral van voedsel en energie (het laatste is zelfs tegenwoordig duidelijk voor elke toerist die naar Rusland reist). De verspilling kwam door een heel inefficiënt transportsysteem, en ten aanzien van voedsel door slechte of niet-bestaande koeling. Als het dagen duurt voordat voedsel van de producent bij de klant is, zal veel uiteraard bederven. Een deel werd ook gestolen, omdat niemand veel aandrang had de goederen tijdens het vervoer te beschermen. Daarom was verbetering van de infrastructuur (wegen en spoorwegen) een van de prioriteiten van Andropov, en hij verving de hele leiding van het Ministerie van Transport.
Verspilling verklaart ook de verschillen tussen de officiële productiecijfers en de werkelijkheid. De officiële cijfers werden niet alleen overdreven of zelfs helemaal uit de lucht gegrepen, maar vastgelegd op het moment van productie, terwijl een belangrijk deel van die productie nooit bij de consument kwam.
Andropov legde ook de nadruk op arbeidsdiscipline en de strijd tegen corruptie. De campagne tegen corruptie was heel begrijpelijk, omdat de kompanen van Brezjnev door en door corrupt waren (en de maffia van de verschillende republieken nog meer). Terwijl bij sommige flagrante gevallen van corruptie vervolging werd ingesteld (maar dat gebeurde slechts zelden), werden de meeste genegeerd. Andropov veranderde dat. Maar zijn nadruk op discipline en hogere arbeidsinspanning konden geen resultaat opleveren vanwege het gebrek aan prikkels en de kleine verschillen in salaris: of men nu harder werkte of niet maakte weinig uit omdat de salarissen ongeveer hetzelfde waren. De verschillen met de toestand onder Stalin toen de Stachanovisten en mensen die hard werkten meer betaald kregen dan de anderen, en er verschillen in salarissen waren, waren aanzienlijk. Mancur Olson heeft zelfs beweerd dat onder het Stalinisme de loonbelasting regressief was, omdat terwijl het jaarsalaris laag was, de bonussen uit extra werk veel lager werden belast. Er bestaat geen twijfel over dat in de jaren 1930 de ongelijkheid in lonen in de Sovjet-Unie waarschijnlijk op haar hoogtepunt was. Maar de ongelijkheid in lonen liep sterk terug onder Chroesjtsjov, en nog meer onder Brezjnev. In de jaren 1980 was de uravnilovka ofwel het egalitarisme alomtegenwoordig en belemmerde alle pogingen de productie te verhogen.
Medvedev bekritiseert de voorkeuren voor discipline van Andropov. Andropov probeerde streng zwartwerken en informele baantjes te beperken in de overtuiging dat als mensen harder werkten in hun formele baan, zij minder tijd hadden om in de informele economie te werken. Maar zoals Medvedev aangeeft, is dit een bespottelijk idee zolang het werk in de formele economie zo weinig opbrengt, en er nauwelijks verschillen in salarissen zijn. Met andere woorden, de gelijkheid in de Sovjet-Unie was een van de oorzaken voor de lage arbeidsproductiviteit. Het gevolg van de nadruk van Andropov op discipline was pervers genoeg het verminderen van het aanbod van belangrijke diensten door de informele sector, waarin de staatsector berucht slecht was in het aanbod.
De grote lijnen van de hervorming van Andropov waren dus het stroomlijnen van de verhoudingen tussen ondernemers en planners, een grote nadruk op verbetering van de infrastructuur en op een groei van de arbeidsdiscipline onder de werknemers in staatsbedrijven. De hervorming kende geen van de zogeheten Hongaarse elementen, waarbij de private sector werd toegelaten in de dienstverlening onder voorwaarde dat er een beperkt aantal werknemers was. Tijdens zijn (korte) regeerperiode stond Andropov geen Nieuwe Economische Politiek volgens de richtlijnen van Lenin voor ogen, maar veeleer een technologisch stroomlijnen en het aantrekken van de arbeidsdiscipline.
Het is opmerkelijk dat wanneer Medvedev de verschillende beleidskeuzes bespreekt waarvoor Andropov en de mensen om hem heen stonden, hij China helemaal niet noemt. Dat is vreemd, omdat China in 1983 al hoge groeicijfers kende, en het verantwoordelijkheidssysteem had ingevoerd dat de landbouwproductie aanzienlijk verhoogde (een eeuwig zwak punt in de Sovjeteconomie). Ook had het op een aantal gebieden private ondernemingen toegestaan. Deze hervormingen werden blijkbaar niet opgemerkt door de hervormers in de Sovjet-Unie, Medvedev inbegrepen, degenen die direct of indirect aanzienlijke kennis hadden van het denken van de elite na Brezjnev.
Om de vraag te beantwoorden waarmee ik begon en die de titel is van deze bijdrage: het lijkt niet dat Andropov de Sovjet-Deng had kunnen worden. Het antwoord moet ontkennend zijn op grond van wat we weten. Gegeven dat zijn regering erg kort duurde en dat hij een slimme en pragmatische man was, is het niet onmogelijk dat hij zou hebben beseft dat de economische hervormingen veel verder moesten gaan. Het is echter interessant en intrigerend dat onder de Sovjethervormers, zelfs later onder Gorbatsjov, de belangstelling voor de Chinese benadering minimaal was. Waarom was dat zo? Omdat de idee was dat de Sovjeteconomie geïndustrialiseerd was en zou kunnen leren van geïndustrialiseerde kapitalistische landen, maar niet van het toen nog arme China met een landbouweconomie? Het meerderwaardigheidscomplex omdat het in de jaren 1950 de Sovjets waren die China adviseerden: konden zij dit nu omdraaien en leren van hun vroegere leerlingen? Daaraan dachten zij nooit, waarschijnlijk tot hun eigen schade.
(vertaling: Herman Simissen)
Branko Milanović (°1953) is een Servisch-Amerikaanse econoom, onder meer verbonden aan de City University of New York en de London School of Economics. Hij is vooral bekend door zijn werk over inkomensverdeling en ongelijkheid. De oorspronkelijke tekst verscheen op 31 maart jl. op https://branko2f7.substack.com/p/yuri-andropov-a-man-who-could-have en wordt hier met toestemming van de auteur in Nederlandse vertaling gepubliceerd.