De politieke gevolgen op lange termijn van Poetin

Ongeacht hoe de oorlog tussen Oekraïne en Rusland afloopt zijn er, meen ik, onvermijdelijke geopolitieke gevolgen voor Rusland. En zij komen voort uit de manier waarop Poetin besloot deze oorlog te beginnen en te voeren.

Het eerste gevolg, waarop veel mensen zich richten, is de breuk op lange termijn in de verhoudingen tussen Europa en Rusland. Dit is inderdaad een groot verlies voor beide zijden, omdat zij door hun verschillende economische structuren en grondstoffen natuurlijke economische partners zijn. Beide delen van het Euraziatische continent hadden baat bij de economische samenwerking. Dit was niet enkel een schoolvoorbeeld van comparatieve voordeel volgens de theorie van Ricardo, maar zelfs een meer interessant geval van absoluut voordeel volgens de theorie van Smith, want in de productie van sommige primaire goederen was Rusland absoluut effectiever dan de Europese Unie, terwijl anderzijds Europa duidelijk voorlag op industrieel gebied en sommige vormen van geavanceerde technologie (luchtvaart, snelle treinen, farmacie). Handel gebaseerd op gas en olie aan de ene kant, en industriële producten aan de andere kant zou wederkerig voordelig zijn, en was dat ook. Die handel zal binnen afzienbare tijd niet opleven, en zeker niet op de schaal die voor de oorlog bestond.

De culturele nabijheid tussen Rusland en Europa, die al minstens driehonderd jaar bestond, zal veel zwakker zijn. Dat zal voornamelijk ten koste van Rusland gaan, omdat het wordt afgesloten van Europese intellectuele ontwikkelingen. Rusland is inderdaad een heel groot land en heeft zijn eigen intellectuele traditie, maar men kan tegenwoordig niet intellectueel groeien door enkel naar de ontwikkelingen in de eigen achtertuin te kijken. Rusland is, ten minste sinds Peter de Grote, ideologisch beïnvloed door Europese intellectuele modes en gebruiken, was altijd leergierig, om het geleerde vervolgens op een nieuwe en unieke manier toe te passen. Dit heeft schrijvers, componisten, filosofen, schilders en wetenschappers van wereldniveau voortgebracht. Maar ook Europa zal erbij verliezen. Europa zonder Tsjechov, Dostojewski, Prokofiev en Mendelev is niet precies hetzelfde Europa. En op vergelijkbare wijze zullen de nieuwe Dostojewski enzovoort waarschijnlijk minder bekend worden, en minder van invloed op Europa, als gevolg van de breuk in de politieke, academische, culturele en sportieve (niet de minste belangrijke) verhoudingen. Ook hier zijn beide zijden verliezers.

Maar ik zou het economische en politieke verlies (anders dan het intellectuele) niet willen overschatten. Terwijl het waar is dat Rusland er onder Gorbatsjov en Jeltsin op mikte een integraal deel van Europa te worden, ofwel deel te nemen in wat Gorbatsjov ‘een enkel Europees huis’ noemde dat zich zou uitstrekken van de Atlantische Oceaan tot de Oeral en verder, sprak dit de Russen altijd meer aan dan de Europeanen. Onder Gorbatsjov deden Europeanen het voorkomen of zij zich aangesproken voelden door dit idee, hoofdzakelijk om meer concessies van de Sovjet-Unie te krijgen en Gorbatsjov te behagen (precies zoals zij nu Trump proberen te vleien) – maar enkel om dat idee later te verwerpen.

Ook het economische verlies is minder dan het lijkt, omdat Europa verhoudingsgewijs terugvalt. De gedwongen draai naar het oosten en zuiden hoeft voor de Russische economie niet zo nadelig te zijn als wanneer Azië niet het wereldcentrum van economische activiteit zou worden. Rusland kan – en heeft al – nauwe economische samenwerking hebben niet alleen met China, maar ook met India, Vietnam, Thailand, Maleisië, Indonesië.  In feite heeft Rusland in de driehoek China-India-Rusland het voordeel dat het betere verhoudingen met beide andere partners heeft dan zij met elkaar. Dit plaatst Rusland in een politiek voordelige positie. De noodgedwongen heroriëntatie op het zuiden en oosten zal daarom niet zo verliesgevend zijn als sommige critici van het beleid van Poetin menen.

Het tweede verlies is nogal duidelijk, en heeft te maken met de uitbreiding van de NAVO naar de grenzen van Rusland. Voor de oorlog met Oekraïne had Rusland geen grenzen met NAVO-landen, met uitzondering van de landen rond de enclave Kaliningrad (het niet-aangrenzende deel van de Russische Federatie) en een heel klein contact tussen Noorwegen en Rusland in het Arctische gebied. Bovendien had Noorwegen officieel afgesproken nooit legereenheden dicht bij die grens te stationeren. Dit veranderde nogal dramatisch door het toetreden van Finland en Zweden tot de NATO, en door veel meer Russofobie en een veel strijdlustiger rol van de rest van Europa en Zwitserland. Het laatstgenoemde land heeft, in strijd met zijn van oudsher neutrale houding (waaraan zelfs ten tijde van een door de nazi’s geregeerd Europa strikt werd vastgehouden), besloten Russische officiële en privébezittingen te confisqueren. Deze bevroren bezittingen, daarbij inbegrepen elders geconfisqueerde bezittingen, bedragen tot $ 600 miljard (bijna evenveel als de uitgaven van het Pentagon in een jaar), en ook zij vormen een groot verlies dat nooit zal worden gecompenseerd. Dat geld zou kunnen worden gebruikt als formele herstelbetalingen aan Oekraïne, of waarschijnlijker nog als betalingen aan westerse bedrijven die in Oekraïne investeren of aan westerse adviseurs voor de Oekraïense regering. Men kan zich voorstellen dat grote delen van dat geld, in naam ‘hulp aan Oekraïne’, zullen eindigen in de zakken van Londense consultancybureaus.

Als Rusland een onafhankelijke aanklager zou hebben, dan zou onnodige verspilling van de nationale schatkist kunnen worden gebruikt als een heel sterke aanklacht tegen Poetin wegens  plichtsverzuim, te weten een oorlog te zijn begonnen zonder ernstig rekening te houden met de Russische bezittingen in het buitenland en door dat verzuim ernstige verliezen aan de welvaart van het land te hebben toegebracht. Men begint geen oorlog terwijl al zijn bezittingen in de zakken van de vijand worden bewaard. Een verstandiger politieke leider had dit niet laten gebeuren.

Het derde verlies vloeit voort uit de gevolgen van de oorlog op lange termijn voor de Russisch-Oekraïense verhoudingen. Het is nogal duidelijk dat we getuige zijn van een Oekraïense onafhankelijkheidsoorlog, om het voortbestaan van de staat, en als zodanig zal zij worden gevierd zolang Oekraïne bestaat; hetzelfde gebeurt bij ieder land in een vergelijkbare situatie. Het zal blijken uit liederen, monumenten, en uitvoerig worden besproken in lofprijzingen in schoolboeken, boeken of memoires. De monumenten zullen worden opgericht op veel pleinen, in dorpen, stadjes en steden. Ieder die het aantal monumenten heeft gezien in de Sovjet-Unie om de Grote Patriottische Oorlog te gedenken, zal niet verbaasd zijn dat soortgelijke monumenten binnenkort veel plekken in Oekraïne zullen opsieren. Straten zullen worden vernoemd naar mensen die in deze oorlog sneuvelden; scholen, crèches en nationale feestdagen zullen de soldaten eren die voor Oekraïne stierven. De oorlog zal het bepalende moment worden (of is dat al) voor de Oekraïense staat. Bovendien heeft de oorlog burgers al ongeveer twee jaar blootgesteld aan mishandeling en misbruik door luchtaanvallen die hun dagelijks leven onmogelijk maken. Dit zal een overlevering in de familie worden, waarover gezinsleden elkaar nog jaren zullen vertellen hoe zij ontsnapten aan de bombardementen of hoe zij twee weken doormaakten zonder water of verwarming in het midden van de winter. (Hetzelfde soort overlevering in de familie waarover Poetin graag vertelt aan anderen, over zijn ouders en broer tijdens het beleg van Leningrad). Deze overlevering in de familie zal generaties lang worden doorverteld, en er zal haat tegen de indringer in doorklinken. Ik denk er vaak aan hoe sterk slechts drie maanden van vergelijkbaar vernietigend bombarderen van infrastructuur door de NAVO in Servië zijn stempel blijft drukken op de Servische ziel. Het bombarderen van Oekraïne duurt inmiddels waarschijnlijk tien keer zo lang en kan onmogelijk niet verhoudingsgewijs grotere gevolgen hebben voor de Oekraïense houding tegenover Rusland. Door deze langdurige haat zal Poetin juist dat hebben bereikt waarvan hij beweerde dat hij het wilde voorkomen, te weten dat Oekraïne anti-Russisch zou worden. Maar in feite zal het gevolg van deze oorlog ondubbelzinnig laten zien dat Oekraïne, in welke vorm het ook bestaat, anti-Russisch is.                 Sommige mensen menen dat deze haat niet blijvend zal zijn, en mettertijd zal verdwijnen. Dat is best mogelijk, want haat van dezelfde kracht kan niet worden overgedragen op veel generaties die andere ervaringen hebben. Maar zoals we zien in de wereld van vandaag (China tegenover Japan, Algerije tegenover Frankrijk) kan dergelijke haat mettertijd ook toenemen. Dus we moeten voorzichtig zijn. Een voorbeeld van verminderde vijandschap is de Frans-Duitse verzoening. De Eerste Wereldoorlog was in aantallen slachtoffers voor zowel Frankrijk als Duitsland veel wreder dan de huidige oorlog tussen Oekraïne en Rusland. Maar wat men niet moet vergeten is dat er sterke intellectuele banden waren tussen de Franse en Duitse elites. Franse studenten en topintellectuelen bestudeerden en bewonderden Duitse filosofie, moderne kunst, literatuur; ook Duitsers hadden bewondering voor het Franse intellectuele en politieke genie. Dit is bepaald niet het geval tussen Oekraïense en Russische elites. De laatste geeft niet bijzonder om Oekraïense intellectuele bijdragen, en is geneigd de Oekraïense taal te verachten en ook de kunstwerken die in die taal zijn geschapen. Anderzijds neigen Oekraïners die voor de oorlog overwegend Russischsprekend waren ertoe de invloed van de Russische taal systematisch terug te brengen (onder meer door boeken in de Russische taal te verbranden) en te vervangen door het Engels in administratief gebruik, zoals de huidige regering-Zelenski probeert. En de intellectuele elite zal blij omschakelen naar het Westen dat intellectueel uitdagender en interessanter is dan Rusland.

Een ander voorbeeld van verzoening waaraan men zou kunnen denken is die tussen Vietnam en de Verenigde Staten. De oorlog in Vietnam was in talloze opzichten veel wreder dan het huidige conflict tussen Oekraïne en Rusland. Enkel de herinnering aan napalmbommen of het bewust richten op burgers (om te doden) in steden als Hanoi en Haiphong volstaat. De verzoening volgt in dit geval uit het gegeven dat Vietnam een heel grote bevolkingsgroei heeft, zodat er in de vijftig jaar sinds de oorlog is verstreken drie nieuwe generaties waren. Met die snelle bevolkingsgroei zijn er grote verschillen in ervaringen tussen de verschillende leeftijdsgroepen, en de oorspronkelijke haat die leefde onder de oudere generatie zou geleidelijk kunnen vervagen. Daarenboven, recent is de verhouding tussen Vietnam en de Verenigde Staten er een van samenwerking, omdat zij het doel gemeen hebben, de grotere invloed van China in te dammen. Dit zou in de toekomst theoretisch kunnen gebeuren in het geval van Rusland en Oekraïne, als er een grootmacht zou zijn die beide zou bedreigen. De twee zouden dan gedwongen kunnen zijn, ondanks hun wederzijdse wantrouwen en ingewikkelde geschiedenis, samen te werken, ten minste impliciet zo niet openlijk. Hoewel dit niet onmogelijk is, dient zich aan de horizon geen dergelijke macht aan, en bijgevolg ligt verzoening minder voor de hand dan in het geval van Vietnam en de Verenigde Staten.

Tot besluit: er zijn drie grote geopolitieke verliezen die Poetin Rusland heeft toegebracht. Het economische, politieke en ideologische verlies van de verhouding met Europa; verminderde nationale veiligheid als gevolg van de aanwezigheid van de NAVO aan de Russische grenzen; en moedwillig verwaarlozen van de nationale schatkist; en ten slotte, het scheppen van een Oekraïne dat door zijn eigen constructie nog heel lang anti-Russisch zal blijven. Terwijl de oorlog werd gerechtvaardigd met het argument dat zij de Russische geopolitieke situatie zou verbeteren, is het tegendeel bereikt.

 

(vertaling: Herman Simissen)

 

Branko Milanović (°1953) is een Servisch-Amerikaanse econoom, onder meer verbonden aan de City University of New York en de London School of Economics. Hij is vooral bekend door zijn werk over inkomensverdeling en ongelijkheid. De oorspronkelijke tekst verscheen op 11 januari jl. op https://branko2f7.substack.com/p/the-long-term-political-consequences en wordt hier met toestemming van de auteur in Nederlandse vertaling gepubliceerd.

 

 

 

 

De politieke gevolgen op lange termijn van Poetin
Fascisme in postmoderne tijden
Hoe de kaders te schetsen van een economische...
Een korte Nieuwjaarsoverdenking
Hedendaagse overweging: autoritarisme
Rusland: een ideologie voor binnenlands, en één voor...
Opus Dei en Project 2025
Oorlogsnarratief domineert in Westerse media
Hoe de toenemende inkomensongelijkheid te beheersen die het...
Trump: een neoliberale agenda najagen met directe middelen
De Trumpfluisteraar (III)
De Trumpfluisteraar (II)
De Trumpfluisteraar (I)
Waarom oorlog?
Interview met Andy Winnick
Nomonhan, 1939
Te veel of te weinig Ricardo?
Niets (zinvols) te zeggen
‘Het is mijn innerlijk kind’
Gaza, de eeuwige Achilleshiel
‘Nu zijn de dingen anders, we moeten niet...
De lokroep van het geweld
Grenzen verleggen
De afbraak van het vertegenwoordigende stelsel en de...
Het algemeen belang
Hoe de dominante stroming algemene economische principes losliet...
Syrische geostrategie voor en na het Assad-tijdperk: ...
Naar een Palestina zonder de Palestijnen?
Een nieuwe kijk op de Franse Revolutie
De ideologie van Donald J. Trump