In de kerk van San Pietro in Vincoli (Sint Petrus in ketenen) in Rome, niet ver van het Colosseum, kan men het vroeg-zestiende-eeuwse standbeeld van Mozes aantreffen, gemaakt door Michelangelo. Het beeldt deze Bijbelse figuur af met horens op zijn hoofd, gebaseerd op een beschrijving in hoofdstuk 34 van Exodus in de Vulgaat, de vertaling van de Tenach (het ‘Oude’ Testament) in het Latijn, in de vierde eeuw gemaakt door Hiëronymus van Stridon (ca. 342-420), gewoonlijk bekend als de Heilige Hiëronymus. Hiëronymus vertaalde de Bijbel in het Latijn tussen 383 en 404. Oorspronkelijk vertaalde hij alles uit het Grieks, maar al werkende vergeleek hij zijn tekst ook met het Hebreeuwse origineel. Daarbij beging hij een vergissing, die ons Mozes met horens op zijn hoofd opleverde.
Er zijn in de loop der jaren veel creatieve interpretaties van ‘Mozes met horens’ geweest. Sommige nogal bizar, sommige heel antisemitisch. Maar hedendaagse Bijbelgeleerden bieden de beste verklaring.
De horens op het hoofd van het beeld van Mozes van Michelangelo waren het gevolg van een onjuiste vertaling van een tekst in Exodus 34, die zegt dat Mozes, terwijl hij afdaalde van Sinaï, lichtstralen op zijn voorhoofd had. Het Hebreeuwse woord karan, dat lichtstralen betekent, werd echter onjuist vertaald door Hiëronymus. Hij verwarde het Hebreeuwse woord karan met het Hebreeuwse woord keren, dat ‘horens’ betekent. Hiëronymus maakt nog wat meer fouten in zijn Latijnse Vulgaat vertaling van de Bijbel. Niettemin vind ik het belangrijk te bevestigen dat het werk van Hiëronymus een belangrijke vooruitgang was ten opzichte van eerdere Latijnse vertalingen, samen aangeduid als de Vetus Latina.
Sommige bekende onjuiste vertalingen van de Bijbel bestaan tegenwoordig nog. In Matteüs 19:24 bijvoorbeeld zegt Jezus: ‘Nog sterker: voor een kameel is het gemakkelijker door het oog van een naald te gaan dan voor een rijke in het Koninkrijk Gods te komen’. In de oorspronkelijke tekst in het Grieks stond het Griekse woord kamilos, dat ‘touw’ betekent. Maar een vroege vertaler las kamilos als kamelos, dat ‘kameel’ betekent. Deze vergissing is lang onder ons geweest.
Een vertaling die nog altijd lastig is, is de vertaling van het bord van Pilatus op het kruis van Jezus. De Latijnse zin, vaak afgekort tot INRI, luidt Iesus Nazarenus Rex Iudaeorum, (De letter ‘J’ bestond in de tijd van Jezus niet. Deze werd in 1524 geschapen door Gian Giorgio Trissino (1478-1550), een Italiaanse grammaticus uit de Renaissance.
De juiste Nederlandse vertaling van het bord van Pilatus luidt ‘Jezus van Nazareth, koning van de Judeeërs’. Niet ‘koning van de Joden’. Er waren geen Joden in de tijd van Jezus. Er waren Hebreeërs. De Judeeërs waren bewoners van de provincie Judea, en Pontius Pilatus, die overleed in 39, was tien jaar lang de vijfde gouverneur van de Romeinse provincie Judea. Maar Pontius Pilatus had een lastige tijd met de Judeeërs, en deed voortdurend dingen om hen te beledigen en provoceren. De gekruisigde Jezus hun koning noemen was een van zijn provocaties.
En natuurlijk hebben we de meer ingewikkelde onjuiste vertaling van Jesaja 7:14, die tegenwoordig luidt: ‘Zie de maagd is zwanger, en zal een zoon ter wereld brengen, en gij zult hem de naam Emmanuël geven’. Hier begon de onjuiste vertaling toen de oude Hebreeuwse Bijbel in de derde eeuw voor Christus werd vertaald vanuit het oude Hebreeuws naar het Grieks. De Griekse vertaling werd later de Septuagint genoemd, naar het Latijnse woord voor zeventig, septuaginta, omdat werd gedacht dat zeventig vertalers hadden gewerkt aan het project.
De onjuiste vertaling van Jesaja 7:14 betreft het oude Hebreeuwse woord almah, dat ‘een jonge vrouw van huwbare leeftijd’ betekent. Het woord betekent niet: maagd. De oorspronkelijke tekst, in het Hebreeuws geschreven in de achtste eeuw voor Christus, was de voorspelling van Jesaja dat de ongelovige Ahaz, de koning van Judea die regeerde van 732 tot 716 v. Chr., een zoon zou krijgen die godvruchtiger zou zijn, dat wil zeggen Emmanuël wat ‘God zij met ons’ betekent. Zijn zoon Hezekiah, die regeerde van ca. 715 tot 686 v. Chr., herstelde de eredienst aan de God van Israël. Zijn regeerperiode kenmerkte zich door profetische activiteiten, met profeten als Jesaja en Micha die in deze tijd hun boodschappen verkondigden.
Maar toen de oude Hebreeuwse tekst van Jesaja 7:14 in het Grieks werd vertaald, werd het Hebreeuwse woord almah onjuist vertaald als parthenos, dat ‘maagd’ betekent. Eeuwen later interpreteerden christenen de Griekse tekst van Jesaja 7:14 als een profetische tekst die verwees naar de maagdelijk conceptie van Jezus, die ‘God met ons’ zou zijn.
Sommige Bijbelvertalingen zijn op zich juist, maar missen de nuance van het oorspronkelijke woord. Ik geef twee voorbeelden. Het Griekse woord ekklesia betekende oorspronkelijk een ‘bijeenkomst’ of een ‘gemeenschap’. In vertalingen van het Nieuwe Testament wordt het gewoonlijk weergegeven als ‘kerk’, hetgeen niet de nuance van een gemeenschap, maar van een instelling heeft. Mijn andere voorbeeld is het Griekse woord episkopos. Gewoonlijk vertaald als ‘bisschop’, betekende het oorspronkelijk een ‘opzichter’ of een ‘hoeder’. Maar het in Bijbelteksten als ‘bisschop’ vertalen van episkopos kan misleidend zijn, want het heeft de connotatie van een hiërarchische structuur die in de vroege kerk niet bestond. Meer hedendaagse vertalingen kiezen voor ‘toezichthouder’ of ‘herder’ om deze connotaties te vermijden.
Mijn voornaamste punt is dat het van wezenlijk belang is dat degenen die de Heilige Schrift bestuderen en vertalen wat we aanduiden als de historisch-kritische methode volgen, die de oorsprong en betekenis van oude teksten onderzoekt ten einde de wereld achter die teksten te begrijpen, en te begrijpen wat die teksten vandaag de dag betekenen. Juiste vertalingen van teksten zijn het begin, maar dan moet men ook beseffen dat Bijbelse teksten geschiedenis bevatten, maar ook een verscheidenheid aan literaire vormen zoals symboliek, folklore, en veronderstelde of bedachte historische gebeurtenissen. De verhalen over de geboorte van Jezus in Matteüs en Lucas zijn goede voorbeelden.
Als katholiek historisch theoloog heb ik door de jaren heen, denkend over de historisch-kritische interpretatie van de Heilige Schrift, vaak nagedacht over het positieve handelen van een eerdere paus Leo.
Leo XIII, paus van 1878 tot 1903, was een welkome verademing na zijn aartsconservatieve voorganger paus Pius IX, die paus was van 1846 tot 1878.
In 1892 keurde paus Leo XIII de École Biblique in Jeruzalem goed, de eerste katholieke opleiding die specifiek was gewijd aan de kritische bestudering van de Bijbel. Vervolgens, in 1893, gaf paus Leo met zijn encycliek Providentissimus Deus de eerste formele goedkeuring aan het gebruik van historisch-kritische methodes bij het bestuderen van de Bijbel. Hij waarschuwde voor de gevaren van het rationalisme, maar onderschreef duidelijk dat de historisch-kritische methode een manier is om teksten te bestuderen, door hun historische oorsprong, context en ontwikkeling te onderzoeken.
In 1902 stichtte paus Leo XIII de Pauselijke Bijbelcommissie om de katholieke bestudering van de Bijbel te hervormen en aan te passen aan de moderne wetenschap.
Het laatste belangrijke katholieke keerpunt in de bestudering van de Bijbel volgde met de dogmatische constitutie Dei Verbum (‘Woord van God’) van het Tweede Vaticaans Concilie, in 1965 uitgevaardigd door paus Paulus VI. Paulus VI was paus van 1963 tot 1978. Dei Verbum ondersteunt het gebruik van historisch-kritische methoden van interpretatie van de Bijbel, en erkent het belang van het begrijpen van de historische context, literaire vormen en de bedoeling van de oorspronkelijke auteur bij het bestuderen van de Heilige Schrift.
(vertaling: Herman Simissen)
Reageren? Mail naar jadleuven@gmail.com
John Alonzo Dick (*1943) bekleedde als derde the Chair for the Study of Religion and Values in American Society aan de KU Leuven. Hij is voormalig academisch decaan van het American College van de KU Leuven en hoogleraar. Hij publiceerde onder meer samen met K. Schelkens en J. Mettepenningen A Aggiornamento? Catholicism from Gregory XVI to Benedict XVI (Brill, Leiden en Boston, 2013). Recent verscheen zijn biografie Jean Jadot: Paul’s Man in Washington (Another Voice Publications 2021), over de Belgische bisschop Jean Jadot, van 1973 tot 1980 Apostolisch Afgevaardigde in de Verenigde Staten. In juni 2025 verscheen zijn boek Another Voice. Contemporary Theological & Ethical Reflections.