Nadenkend over de Fourth of July[1] herlas ik de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring.

De Onafhankelijkheidsverklaring, op 4 juli 1776 aanvaard door het Continentale Congress, werd voornamelijk geschreven door Thomas Jefferson, die later, van 1801 tot 1809, de derde president van de Verenigde Staten zou worden. Opmerkelijk genoeg overleed Jefferson, geboren in 1743, op 4 juli 1826, net zoals de tweede Amerikaanse president, John Adams, geboren in 1735. De vooraanstaande Amerikaanse jurist Daniel Webster (1782-1852) hield op 2 augustus 1826een grafrede van twee uur voor Jefferson en Adams, in de historische Faneuil Hall in Boston, waarin hij benadrukte dat het feit dat zowel Thomas Jefferson als John Adams overleed op de vijftigste geboortedag van het land een ‘bewijs’ van hogerhand was dat het land en zijn weldoeners onder de hoede van de Goddelijke Voorzienigheid stonden.

De Onafhankelijkheidsverklaring benadrukt de principes waarop de Amerikaanse regering en de Amerikaanse identiteit zijn gegrondvest. De zestiende Amerikaanse president, Abraham Lincoln (1809-1865), noemde haar ‘een terechtwijzing en struikelblok voor tirannie en onderdrukking’. De verklaring van 4 juli kondigt af dat alle mensen als gelijken worden geschapen en begiftigd met zekere onvervreemdbare rechten, waaronder het recht op leven, vrijheid en het nastreven van geluk. Ook kondigt zij af dat de regering haar rechtmatige bevoegdheden ontleent aan de instemming van de geregeerden, en dat het volk het recht heeft haar te veranderen of teniet te doen als zij deze doelen dreigt te vernietigen.

De Onafhankelijkheidsverklaring is geen uitdrukkelijk christelijk document, maar straalt wel een geloof uit in God, de ‘Schepper’, en in natuurrechten, onder invloed van het Verlichtingsdenken. De nadruk in dit document op natuurrechten, afkomstig van de Schepper, speelde een belangrijke rol in de ontwikkeling van de Amerikaanse opvatting van godsdienstvrijheid, en van de scheiding tussen staat en kerk. Meteen vanaf het begin kenden de Verenigde Staten een verscheidenheid aan godsdienstige tradities: protestante christenen, katholieke christenen, Joden, moslims, en inheemse godsdienstige tradities die de nadruk legden op de verbondenheid met de spirituele wereld.

Een paar dagen geleden, na het herlezen van mijn aantekeningen over de godsdienstige praktijken ten tijde van de Onafhankelijkheidsverklaring, gingen mijn gedachten naar de godsdienst in de hedendaagse Verenigde Staten. Het onpartijdige Pew Research Center, in Washington DC, meldt dat het christelijke deel van de Amerikaanse bevolking, na jaren van terugval, sinds 2019 verhoudingsgewijs stabiel is. En het niet godsdienstig gelieerde deel van de bevolking is, na jaren van snelle groei, gestabiliseerd – tenminste voorlopig.

Tegenwoordig omschrijft 62% van de volwassen Amerikanen zich als christen: 40% is protestant, 19% is katholiek, en 3% is anderszins christen. Maar 29% is niet godsdienstig gelieerd: 5% is atheïst, 6% is agnost, en 19% omschrijft zich in godsdienstig opzicht als ‘niets in het bijzonder’. Daarnaast behoort 7% tot andere godsdiensten dan het christendom: 2% is Joods, en 1% is moslim, boeddhist of hindoe.

Zoals veel lezers van mijn bijdragen weten is mijn beroepsmatige onderzoeksveld al jaren ‘Godsdienst en waarden in de Amerikaanse maatschappij’. Ik ben en blijf een Amerikaanse waarnemer en onderzoeker. Juist nu merk ik, en met mij veel collega’s, dat er sterke aanwijzingen zijn dat zich mogelijk, al heel snel, een grote terugval voordoet in de godsdienstigheid van het Amerikaanse publiek. Jonge Amerikaanse volwassenen, zelfs degenen die een sterk godsdienstige opvoeding hebben genoten, zijn veel minder godsdienstig dan oudere volwassenen. Over het algemeen vinden Amerikanen godsdienst belangrijk, maar zij zijn verdeeld over haar rol in de samenleving. Tegenwoordig zegt minder dan de helft van de volwassenen dat godsdienst belangrijk is in hun leven, waar in eerdere onderzoeken meerderheden dat voelden. In een nieuwe peiling zegt slechts 44% dagelijks te bidden, tegenover meerderheden in eerdere onderzoeken. Terwijl nog steeds de meeste hedendaagse Amerikanen blijven zeggen dat zij geloven in God of een universele geest, is het deel daarvan dat zegt daar zeker van te zijn gedaald van 71% in 2007 tot 54% nu.

Terwijl de algemene verandering in religieuze opvattingen zich op vergelijkbare wijze heeft voorgedaan onder belangrijke demografische groepen, zijn er verschillen tussen wat zich heeft afgespeeld in de maatschappelijk-culturele richting van mensen. Van degenen die zich ‘progressief’ noemen, noemt slechts 37% zich christen, tegen 62% in 2007. Maar 54% van de hedendaagse progressieven is nu veeleer geneigd te zeggen dat zij geen godsdienst hebben dan zich christen te noemen. Onder de ‘conservatieven’ daarentegen is het deel dat zich christen noemt maar met 7% afgenomen, tot 82%.

De mate van godsdienstige betrokkenheid van Amerikanen is nauw verbonden met hun politieke identiteit. De meest godsdienstig betrokken mensen beschouwen zichzelf vermoedelijk als Republikein, of als naar de Republikeinen neigende onafhankelijken, terwijl degenen met een geringe godsdienstige betrokkenheid waarschijnlijk Democraten zijn, of neigen naar de Democraten. Zoals al lang het geval is, zijn witte kiezers veel meer dan degenen in andere raciale en ethische groepen verbonden met de Republikeinse partij. Zwarte kiezers blijven zich verbinden met de Democratische Partij, hoewel de omvang van het Democratische overwicht onder deze groep de laatste jaren is afgenomen. Ongeveer zes van de tien kiezers met een Latino-achtergrond (61%) zijn Democraat, of neigen naar de Democratische Partij. Het verband tussen partijvoorkeur en de godsdienstige gebondenheid blijft sterk – in het bijzonder waar het aankomt op de vraag of mensen überhaupt behoren tot een godsdienstige organisatie. Protestanten sluiten zich overwegend aan bij de Republikeinse Partij.

De Republikeinse Partij heeft nu een klein overwicht onder katholieken. Ongeveer de helft van de katholieke kiezers ziet zich als Republikein, of neigt naar de Republikeinse Partij, tegenover 44% die zich ziet als Democraat of neigt naar de Democratische Partij. Bij de presidentsverkiezingen van 2024 splitsten de katholieke kiezers zich met 56% tegen 41% voor de Republikeinse kandidaat. Tegenwoordig bestaat er onder Amerikaanse katholieken links van het politieke centrum enig optimisme dat paus Leo XIV de betrokkenheid van paus Franciscus bij armen en gemarginaliseerde mensen, onder wie migranten, zal voortzetten en tegenwicht zal bieden aan het beleid van de huidige regering dat zij verontrustend vinden. Amerikaanse katholieken ter rechterzijde hopen dat paus Leo, zoals zijn voorgangers Johannes Paulus II en Benedictus XVI, de katholieke leer krachtig zal handhaven, waaronder zij verstaan verzet tegen abortus, verzet tegen het homohuwelijk, en verzet tegen de wijding van vrouwen.

Het is heel opmerkelijk dat de huidige Amerikaanse president bouwt aan een nieuwe, uiterst rechtse godsdienstige beweging. Het oude religieuze rechts is verdwenen. Leden van het Amerikaanse religieuze rechts in de jaren 1980 en 1990 kozen hun politieke standpunt vanwege hun theologische opvattingen. Leden van het huidige religieuze rechts werken in de omgekeerde richting. Zij ontwikkelen een nieuwe ‘theologie’ die past bij hun uiterst rechtse politiek. Neem bijvoorbeeld de verdediging van hedendaagse uiterst rechtse evangelische leiders van grensoverschrijdende gedragingen van de huidige president. Zij zeggen dat zijn gedragingen vergeeflijk zijn omdat hij een messiaanse figuur is, niet gezonden om zielen, maar om Amerika te redden. Dit standpunt slaat theologisch gezien nergens op, maar past bij hun politieke overtuiging. Ook sommige Amerikaanse katholieke leiders lijken dit gezichtspunt te ondersteunen. In december 2024 bijvoorbeeld zei de toenmalige aartsbisschop van New York, Timothy kardinaal Dolan, dat de al snel naar het Witte Huis terugkerende verkozen kandidaat ‘zijn christelijk geloof ernstig neemt’. Kardinaal Dolan is al lange tijd een aanhanger van de huidige president, en onderhoudt een vriendschap met hem in zijn persoonlijk leven.

Op 1 mei 2025 kondigde de huidige Amerikaanse president aan, dat hij een presidentiële commissie voor religieuze vrijheid ging opzetten: de Religious Liberty Commission. Ik vind het opmerkelijk dat vijf leden ervan conservatieve katholieke bisschoppen zijn: kardinaal Timothy Dolan; bisschop Robert E. Barron van Winona-Rochester, Minnesota; aartsbisschop Salvatore J. Cordileone van San Francisco; bisschop Thomas J. Paprocki van Springfield, Illinois; en bisschop Kevin C. Rhoades van Fort-Wayne-South Bend, Indiana. Volgens Melissa Deckman, een politiek wetenschapper en directeur van het Public Religion Research Institute in Washington DC, komt de Religious Liberty Commission tegemoet aan christelijk nationalistische groeperingen die ‘het verlies van hun dominantie opvatten als vervolging’.

Ook zegt de Religious Liberty Commission dat de idee van een scheiding tussen kerk en staat een juridische vergissing is. Wat het nieuwe Amerikaanse godsdienstig rechts opbouwt heeft in feit meer gemeen met de klassieke heidense godsdienst van de Romeinse keizerlijke cultus dan met de evangelische oplevingen van het vroegere Amerika. De Romeinse keizerlijke cultus benadrukte dat keizers en sommige van hun familieleden een van God gegeven gezag hadden. De nadruk lag op de keizerlijke macht. De hedendaagse aanhangers van MAGA hebben een godsdienstoorlog uitgeroepen, niet enkel tegen het secularisme of tegen progressieve vormen van godsdienst, maar tegen de traditionele godsdienst die weigert hun radicale nationalistische machtsdoel, ‘Amerika weer groot te maken’, te dienen. Zij staan geen nieuwe theocratie voor, maar een nieuwe religie van nationalisme en nationale identiteit, vermomd in de uiterlijkheden van een religieuze beweging die de nadruk legt op trouw, gedeelde overtuigingen, en het gevoel van superieure witte suprematie gegrondvest op een bevooroordeeld ‘wij tegen hen’-perspectief. Hoe goed herinner ik mij, bijvoorbeeld, de toespraak tot de Amerikanen van de huidige Amerikaanse president op 21 juni 2025, over het Amerikaanse bombarderen van plaatsen in Iran. Hij zei: ‘En ik wil slechts iedereen bedanken, en in het bijzonder God, ik wil slechts zeggen, God, we houden van je…’.

Een gelukkige Vierde Juli! De belangrijke maatschappelijk-politieke onderwerpen waarover we in de komende maanden moeten nadenken en die we moeten bevorderen zijn inderdaad: eerlijkheid, historische waarachtigheid, en menselijkheid.

 

(vertaling: Herman Simissen)

Reageren? Mail naar jadleuven@gmail.com

John Alonzo Dick (*1943) bekleedde als derde the Chair for the Study of Religion and Values in American Society aan de KU Leuven. Hij is voormalig academisch decaan van het American College van de KU Leuven en hoogleraar. Hij publiceerde onder meer samen met K. Schelkens en J. Mettepenningen A Aggiornamento? Catholicism from Gregory XVI to Benedict XVI (Brill, Leiden en Boston, 2013). Recent verscheen zijn biografie Jean Jadot: Paul’s Man in Washington (Another Voice Publications 2021), over de Belgische bisschop Jean Jadot, van 1973 tot 1980 Apostolisch Afgevaardigde in de Verenigde Staten. In juni 2025 verscheen zijn boek Another Voice. Contemporary Theological & Ethical Reflections.

 

[1] Fourth of July of ook Onafhankelijkheidsdag is een nationale feestdag in de Verenigde Staten waarop wordt herdacht dat op deze dag de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring werd aanvaard. (Noot van de vertaler)

De geest van de jaren ’90 en de...
Holocaust als vrijbrief voor genocide
Schets van een nieuwe dysto-utopische wereld met grote...
Wat hadden Ulla en Stig in I970 in...
Vraag niet naar mijn winst, laten we het...
Zelfkritische tegenmacht als recept tegen een teflon overheid
‘Dit is (niet) wie we zijn’. Volgens wie?
Vier juli 2026
Hoe de ‘deugden’ van neoliberale globalisering de weg...
De Babylonische spraakverwarring tussen macht en tegenmacht
Een ander spel
WK 2026 van start
Kunstmatige intelligentie en de toekomst van het kapitalisme
Koert Debeuf over de situatie in het Midden-Oosten
Licht in het puin
Christelijk nationalisme
Inleiding: Denken als revolte in tijden van crisis...
Over rijkdom en macht in het nieuwe tijdsgewricht
Andrew Winnick over de blijvende aantrekkingskracht van Trump...
Yoeri Andropov: een man die een tweede Deng...
Verdien je vanuit moreel oogpunt wat je financieel...
Werken of niet werken
Het grote raadsel van de Grote Terreur
De politieke gevolgen op lange termijn van Poetin
Fascisme in postmoderne tijden
Hoe de kaders te schetsen van een economische...
Een korte Nieuwjaarsoverdenking
Hedendaagse overweging: autoritarisme
Rusland: een ideologie voor binnenlands, en één voor...
Opus Dei en Project 2025