De op waarheid gebaseerde film Des Hommes et des Dieux (2010) van Xavier Beauvois portretteert de Cisterciënzergemeenschap van Tibhirine in het Atlasgebergte tijdens de Algerijnse burgeroorlog. De gemeenschap staat voor de existentiële vraag wat te doen in het aangezicht van levensgevaar. In 1996 kwam het tot een ontknoping. Hoe kwamen de monniken tot hun keuze en maakten zij de juiste keuze? Het kalme en aangrijpende relaas heeft veel waardering geoogst. Ondanks het feit dat de film ergens een ongemakkelijk gevoel achterlaat, maakt de verfilming van deze uitzonderlijke geschiedenis ons niettemin van een eenvoudige waarheid bewust. Die waarheid spreekt tot ons in ons gewone, alledaagse leven.
Het verhaal
Met het vaste en vredige ritme van het monastieke leven stelt Des Hommes et des Dieux ons een kleine groep Cisterciënzer monniken (ook wel Trappisten) voor in hun dagelijkse leven in het Algerijnse Atlasgebergte. De van oorsprong Franse gemeenschap is diep geworteld in de plaatselijke omgeving. De honing die zij produceren, wordt verkocht op de markt. De oude monnik Luc fungeert als plaatselijke dokter. Dorpsbewoners krijgen hulp bij het invullen van formulieren en jonge meisjes vinden een klankbord bij het nadenken over levensvragen. Bij religieuze feestelijkheden in het islamitische dorp zijn de monniken van de partij. Het dorp en het klooster zijn op elkaar betrokken. De monniken onderhouden een eigen moestuin, zijn bezig met klusjes in en rond het klooster en volgen trouw hun strakke dagindeling van gemeenschappelijk gebed. Zoals de dagen volgens een vast patroon verlopen, zo voltrekt zich welhaast het leven zelf.
Dat laatste verandert met de opmars van islamitische extremisten. Het dorp en de monnikengemeenschap komen hiermee voor het eerst in aanraking door een bericht dat een meisje is gedood vanwege haar weigering een hoofddoek te dragen. De dreiging wordt nog groter wanneer even later blijkt dat vlakbij een groep Kroatische bouwvakkers is omgebracht. Het klooster krijgt daarop van een lokale bestuurder bescherming door het leger aangeboden. Later volgt het dringende advies te vertrekken. Het is duidelijk: de sfeer is grimmig geworden. De monnikengemeenschap staat voor een existentiële keus.
Voordat de ontknoping zich aandient, is er een confrontatie met een groep gewapende islamitische terroristen in het klooster. Op kerstavond dringt de groep het klooster binnen om de medische voorraad op te eisen. Prior Christian (‘de navolger van Christus’) weerstaat de eis. Broeder Luc (de Bijbelse evangelist Lukas zou volgens de overlevering arts zijn) verpleegt evenwel de gewonden. Het gevaar lijkt afgewend. De indringers vertrekken. Het incident met terroristen wekt diep wantrouwen bij de legerleiding, die dit ter ore komt. Tegelijkertijd heeft de hulp aan de invallers het gevaar niet doen wijken: de actie blijkt letterlijk uitstel van executie. In wat de slotscene lijkt, zien wij monniken, die na een nachtelijke inval van hun bed zijn gelicht, te voet in de verte van het kale landschap verdwijnen op weg naar hun onvermijdelijke lot. Op het kloosterterrein vallen daarna twee achterblijvers elkaar in de armen.
Van mensen en goden
De film opent met een verwijzing naar Psalm 82: 6-7,[1] een niet eenvoudig te duiden tekst, die een oproep inhoudt tot het doen van gerechtigheid aan de naaste en eraan herinnert dat een ieder uiteindelijk sterft als gewoon mens; dat geldt ook voor de hooggeplaatsten (‘goden’). De titel van de film is rechtstreeks aan die verzen ontleend.
De titel intrigeert ook los van deze verwijzing. Wie zijn de mensen en wie zijn de goden in de film? Staan goden tegenover elkaar of staan mensen tegenover elkaar – en die mensen dan elk met hun eigen god? Zijn het mensen die offers vergen of zijn het goden die dat doen – van de eigen gelovigen of juist van anderen? De film toont dat in het echte leven de lijntjes niet altijd zo scherp te trekken zijn.
De christelijke kloostergemeenschap en de islamitische dorpsgemeenschap leven samen in harmonie. De persoon van prior Christian, die naast Bijbelkenner ook islamkenner is, belichaamt deze harmonie tussen christendom en islam figuurlijk in zijn persoon. Verschil is er binnen de islam: de geleefde, praktische islam van de eenvoudige dorpsgemeenschap, die het klooster weet te waarderen en de ideologisch gedreven, gewelddadig-revolutionaire islam van de terroristen, die net als de burgerlijke autoriteiten, de aanwezigheid van Fransen als exponent van de koloniale geschiedenis beschouwen.
De eerste gewelddadige inval in het klooster vindt plaats op kerstavond – de vooravond van de geboorte van het Vredekind; de monniken verplegen de gewonde terroristen – dezelfde terroristen die hen in hun bestaan bedreigen. Het onverwachte bezoek wordt afgesloten met een handdruk tussen beide voormannen. Een handdruk tussen de wantrouwend geworden Algerijnse legerleider en Christian tijdens een latere ontmoeting blijft uit. Zo toont de film haast onopvallend onverwachte overeenkomsten en contrasten. Dat subtiele samenspel geeft de film een diepere laag.
Ook de factor tijd biedt onverwachte contrasten. De tijd buiten het klooster staat tegenover de tijd daarbinnen. De tijd van het kloosterleven is bemeten, maar tegelijk oneindig. Bemeten: de tijd volgt de strakke ritmes van de dag en van het jaar. Oneindig: die cycli voltrekken zich steeds weer. Wat geweest is, komt weer terug. Tijd is voor de monniken de bemeten levensruimte waarbinnen zij hun toewijding, dienstbaarheid en trouw tonen. Met hun lotsbestemming treden zij later de oneindigheid binnen.
De leer en het leven
De Cisterciënzer broeders staan niet meteen op één lijn waar het gaat om blijven of vertrekken. Sommige broeders scharen zich achter prior Christian die zich het eerst uitspreekt. Anderen pleiten voor vertrek en weer anderen willen of kunnen nog geen keuze maken en vragen tijd voor reflectie. Ook zijn er broeders die nog eens van standpunt veranderen. Het duurt een tijd voordat er een gezamenlijk gedragen visie komt.
Prior Christian neemt vanaf het begin een radicale, rechtlijnige positie in. Het is Christian die meteen het aanbod van bescherming door het leger afslaat. Door zijn medebroeders ter verantwoording geroepen omdat zijn handelwijze indruist tegen de overlegtraditie van de gemeenschap, verdedigt hij zijn opstelling met de tegenwerping dat niemand toch bescherming van een corrupte regering kan wensen. Hij komt daar niet zo gemakkelijk mee weg; het besluit blijft desalniettemin staan. Bij de discussie over blijven of vertrekken, is hij vrij dominant, en tijdens een wandeling praat hij in op de medebroeder die dan nog opteert voor vertrek. Zijn afscheidsbrief heeft hij al in een vroeg stadium gereed liggen op het bureau in zijn kamer.[2]
Zo lijkt het dat de prior tenminste sommige van zijn medebroeders heeft meegesleept in een beslissing die tot hun nagenoeg zekere dood leidt. Is dat te rechtvaardigen? Het geeft een onbehaaglijk gevoel. De verleiding is groot de verbeelding van een gebeurtenis met de realiteit te vereenzelvigen. Hier past echter de kanttekening dat een gedramatiseerde film van een historische gebeurtenis geen documentaire is, dus niet in alle feitelijkheden een natuurgetrouw verslag.
In de manier waarop hij die verbeeldt, roept de film ook de vraag op naar de betekenis van de overwegingen voor het besluit om te blijven. Het principiële standpunt van prior Christian vloeit rechtstreeks voort uit de manier waarop hij zijn roeping tot Cisterciënzer monnik ziet. Al snel komen andere redenen naar voren om te blijven. Zo oppert een broeder dat hij niet weet waar hij elders heen zou moeten. Een ander bekent dat hij zijn Franse familie en vrienden ontgroeid is geraakt. Hoewel het niet met zoveel woorden wordt uitgesproken, lijkt weer een ander zich te oud en te zwak te voelen om te vertrekken. Ook komt op enig moment de niet zo reële gedachte naar voren dat het klooster de dorpsgemeenschap beschermt en omgekeerd.
Niet alle broeders die in eerste instantie kiezen om te blijven, doen dat dus om principiële redenen. Maakt dat de keuze voor het martelaarschap minder waarachtig? Of zijn ook de andere overwegingen op een bepaalde manier te zien als uitingen van deugden van geduld, trouw en naastenliefde? Is de keuze om niet te vertrekken meer te prijzen dan het basisinstinct te willen blijven leven en de dienstbaarheid aan de naaste elders te willen voortzetten? Die keus hoeft geen capitulatie te zijn voor de dreiging van geweld of van een naderende dood. En dan nog? Tenminste een broeder die vanaf het begin ervoor koos te blijven, wist zich – in de verfilming – tijdig schuil te houden en zo te ontsnappen.
Leven en dood
Het christendom eert martelaars, maar verheerlijkt martelaarschap niet. Voor de monniken die hun lot tegemoet traden, was het martelaarschap de ultieme consequentie van de navolging van Christus, al zagen zij zichzelf niet als martelaar. Eerder zagen de broeders hun daad, zoals hun prior dat verwoordde, als een natuurlijk uitvloeisel van het offer dat hun besluit om monnik te worden al betekende: te leven in dienstbaarheid in dít land, in deze plaats in dít klooster. Hun opdracht was daaraan trouw te blijven, zoals zij elke dag trouw het offer van Christus in de eucharistie herdachten. Die gedachte wordt benadrukt door de verbeelding van hun laatste gezamenlijke maaltijd in het klooster, die vol is van sacramentele symboliek. Is het offer uitsluitend een offer of is het (ook) te zien als een overwinning op de dood? Dat laatste lijkt door de film gesuggereerd te worden.[3] Is het teken dat de monniken door hun offer aan de wereld geven uitsluitend een getuigenis van dienstbaarheid, toewijding en trouw? Of is het (ook) een teken dat de dood overstijgt?
Getuigen
De film beantwoordt de vraag niet of de monniken een goede keus hebben gemaakt. Ook geeft de film geen commentaar bij de scene met de overlevenden, die trouw bleven aan hun keus te blijven, maar wie de ontvoering en het lot van hun medebroeders werd bespaard. De uiteenlopende overwegingen die de monniken verwoordden om te blijven, krijgen geen waardering mee. Daarin en in de schildering van de werkelijk geleefde verhoudingen tussen mensen, zowel binnen het klooster als daarbuiten, is de film te zien als een pleidooi voor nuance en een uitstel van oordelen – geen overbodige luxe in onze geopinieerde en haastige tijd.
Het woord martelaar komt van het Griekse woord ‘martus’, ‘getuige’.[4] De monniken waren martelaren; niet alleen in de gebruikelijke zin van het woord, maar ook, of juist vooral, in de basisbetekenis van ‘getuigen’. De film laat zien wat het was waarvoor de monniken ieder op eigen wijze in hun gewone, maar tegelijk zo bijzondere levens stonden. Daarmee laat de film zien dat alles wat wij zeggen en doen bewust of onbewust ergens van getuigt. Getuigen staat ook in onze cultuur centraal, al beseffen wij dat zelf misschien niet eens. De monniken getuigden in hun dagelijkse leven van hun roeping tot toewijding, dienstbaarheid en trouw – deugden die hun eigen ‘ik’ te boven gaan. Ontdaan van de bijzondere context houdt Des Hommes et des Dieux ons daarmee de indringende vraag voor: waarvan getuigen wij?
—
Naschrift:
Ook in werkelijkheid wisten twee broeders te ontkomen aan de ontvoering. Eén van hen, broeder Jean-Pierre Schumacher, heeft het uitkomen van de film meegemaakt.[5] Bij zijn bezoek aan Marokko in 2019 heeft paus Francisus de toen 95-jarige monnik ontmoet. De omgekomen monniken zijn met enkele andere slachtoffers in 2018 zalig verklaard.[6] Over de toedracht van de dood van de zeven monniken van Tibhirine bestaat onduidelijkheid. De terroristen hebben de verantwoordelijkheid daarvoor opgeëist.[7] Later heeft een Franse oud-legergeneraal verklaard dat een mislukte Algerijnse legeroperatie hiervan mogelijk de oorzaak was.[8] De Algerijnse burgeroorlog duurde van 1991 tot 2002. Het aantal mensen dat door deze oorlog het leven verloor wordt geschat op meer dan 150.000.
Reageren? Mail naar: sophie.vanbijsterveld@ru.nl
Sophie van Bijsterveld is hoogleraar Religie, recht en samenleving aan de Radboud Universiteit.
[1] Psalm 82: 6-7: ‘Ooit heb ik u gezegd: “U bent goden, zonen van de Allerhoogste, allemaal.” Toch zult u sterven als mensen, ten val komen als aardse vorsten.’
[2] Zie voor die brief: https://www.trouw.nl/nieuws/monniken-onder-de-moslims~b34a86ba/.
[3] Bijvoorbeeld door de lezing van Marcus 8:35 ff.
[4] Wil Derkse, Een levensregel voor beginners. Benedictijnse spiritualiteit voor het dagelijks leven, Lannoo 2021.
[5] https://www.bbc.com/news/entertainment-arts-11887977.
[6] https://www.kn.nl/nieuws/wereldkerk/vermoorde-monniken-zalig-verklaard/.
[7] https://en.wikipedia.org/wiki/Murder_of_the_monks_of_Tibhirine.
[8] https://www.ncronline.org/news/last-monk-tibhirine-god-drove-history; .https://time.com/archive/6947230/could-seven-dead-monks-upset-president-nicolas-sarkozys-bold-plans-to-remake-frances-legal-system/.