Niet-zo-subtiele articulaties van subtielere talen

Charles Taylor in gesprek met Dolly Parton

 

 

In 2024 schreef ik voor Streven over Dolly Parton en beargumenteerde ik dat bij Dolly het origineel altijd beter is dan de kopie omdat ze net zoveel werk steekt in het ‘fabriceren’ van dat geknutselde origineel.[1] Van haar is dan ook de boude en enigszins schofferende uitspraak dat het veel geld kost om er zo goedkoop uit te zien. Parton spreekt over zichzelf met dosis zelfrelativering die voor veel gewone stervelingen te veel van het goede zou zijn. In dit uitgebreidere artikel onderzoek ik de bredere culturele betekenis van een pop- en countryster als Dolly Parton, en analyseer ik hoe zij haar identiteit vormgeeft via een opvallend expressieve vorm van authenticiteit die niet alleen haar omgeving maar ook (en vooral) haar eigen persoon voortdurend ter discussie stelt.

De concrete aanleiding van dit artikel is enerzijds de tachtigste verjaardag van Dolly Parton die in 2026 werd gevierd. Parton, geboren op 19 januari 1946, heeft een carrière van meer dan zestig jaar en overspant daarmee het muzikale leven van heel veel mensen. Het is quasi onmogelijk om geen enkel lied van haar te kennen (ook al leert mijn ervaring dat er mensen zijn die haar niet kennen). Of het nu het iconische 9 To 5 is, het romantische I Will Always Love You, of het ietwat melodramatische Jolene, Dolly heeft een onmiskenbare invloed op de muziekwereld nagelaten. Nu vermoedelijk het einde van haar actieve carrière nadert, al was het maar omdat statistisch gezien de levensverwachting van Amerikaanse vrouwen rond de tachtig ligt, is ze duidelijk ook bezig met het consolideren van haar erfenis. In een relatief hoog tempo geeft Dolly Parton namelijk verschillende boeken uit die, geheel in haar eigen stijl, niet alleen over inhoud, maar ook over de vorm gaan.

Ook muzikaal blijft ze niet bij de pakken neerzitten. In de voorbije vijf jaar bracht ze nog diverse singles uit, vaak in samenwerking met andere artiesten, en verschenen er bovendien twee volledig nieuwe albums. In 2024 was er haar Smoky Mountain DNA: Family, Faith and Fables. Dit album omvat maar liefst 37 nummers, waarvan het merendeel werd opgenomen met één of meerdere familieleden. Met dit album keert Dolly terug naar haar country roots, met overvloedige verwijzingen naar de staat Tennessee, en eert zij op die manier zowel haar familie als de plaats waar ze vandaan komt. Het album Rockstar uit 2023, met een Deluxe versie uit 2024, telt uiteindelijk ook niet minder dan 39 liedjes. Voor dit laatste album werkte ze samen met onder andere Sting, Steve Perry, John Fogerty, Kid Rock, Steven Tyler, Stevie Nicks, Peter Frampton, Joan Jett & the Blackhearts, Chris Stapleton, Miley Cyrus, P!nk, Brandi Carlile, Debbie Harry, Elton John, Melissa Etheridge, Linda Perry, Paul McCartney, Ringo Starr, Lynyrd Skynyrd, en de Italiaanse winnaars van Eurovisiesongfestival 2021 Måneskin. Dolly Parton is duidelijk ook muzikaal nog lang niet aan het einde van haar mogelijkheden en schuwt daarbij de opvallende samenwerkingen niet (al dient hier wel te worden opgemerkt dat duetten standaard tot haar oeuvre behoren, met onder anderen countrylegendes Emmylou Harris, Linda Ronstadt, Kenny Rogers en Willy Nelson om er maar enkele te noemen).

Het consolideren van haar erfenis uit zich de afgelopen jaren dus niet alleen muzikaal, maar ook in een reeks publicaties. In 2025 voegde ze Star of the Show: My Life on Stage toe aan haar groeiende bibliografie. Dit laatste werk sluit aan bij de eerder verschenen bundel Good Lookin’ Cookin’: A Year of Meals—A Lifetime of Family, Friends, and Food uit 2024. Deze titels werden voorafgegaan door Behind the Seams: My Life in Rhinestones (2023) en Dolly Parton, Songteller: My Life in Lyrics (2020), waarin respectievelijk haar kostuumgeschiedenis en haar liedoeuvre centraal staan.

Daarnaast verdient ook de roman Run Rose Run (uit 2023), geschreven samen met James Patterson, vermelding. Het verhaal van de protagoniste volgt, nogal veelzeggend, een klassiek ‘from rags to riches’-narratief dat sterk resoneert met Partons eigen levensverhaal. Bovendien is de roman nauw verweven met de songteksten van Partons gelijknamige album Run Rose Run uit 2022, wat de hybride aard (muzikaal-literair) van het project nog versterkt.

In het bijzonder de boeken Start of the Show, Behind the Seams en Songteller: My Life in Lyrics kunnen worden gezien als een trilogie. Deze drie boeken belichten respectievelijk haar podiumleven en performancepraktijk, vervolgens haar kleding en visuele verschijning, en ten slotte haar songteksten en muzikale oeuvre.

Ook secundaire literatuur over Parton is er in overvloed. In chronologische volgorde vermeld ik de belangrijkste bronnen die ik voor dit artikel heb geraadpleegd. Dudley Delffs onderzoekt uitgebreid hoe de religieuze overtuigingen van Parton haar leven en carrière hebben gevormd, en hoe diezelfde spiritualiteit vandaag een bron van inspiratie kan zijn voor anderen. Leigh H. Edwards analyseert in een academisch kader de intersectie tussen gender en countrymuziek, en toont hoe Parton steeds bijzonder aandachtig is geweest voor haar publieke zelfrepresentatie. Lydia Hamessley richt zich eveneens vanuit een academisch perspectief op de muzikale dimensie van haar oeuvre, in het bijzonder op de structurele, tekstuele en compositorische kwaliteiten van haar muziek. Zij benadrukt de muzikale eigenheid en de verfijnde opbouw van het werk van Parton. Lynn Melnick tenslotte formuleert een persoonlijk, essayistisch pleidooi waarin zij onderzoekt wat de muziek van Parton betekent voor luisteraars, en hoe Parton in haar teksten vaak verwoordt wat voor velen moeilijk onder woorden te brengen is.[2]

 

Wat valt er te consolideren?

Een lange carrière is niet noodzakelijk een teken van succes. Er zijn immers verschillende graadmeters van succes. Bij Dolly Parton kan echter wel van een objectief succesvolle carrière worden gesproken. Met meer dan 3000 gecomponeerde liedjes waarvan er meer dan 450 zijn opgenomen, is er sprake van een groot muzikaal oeuvre. Het is bovendien een oeuvre dat verschillende invloeden vertoont. Vanaf het begin van haar carrière (als ze ongeveer tien jaar oud is) tot halverwege de jaren ‘70 valt haar muziek vooral in het country genre, vanaf dat moment tot pakweg halverwege de jaren 80 is er een sterke pop-invloed die haar bredere bekendheid en populariteit geeft. Op het einde van de jaren ‘80 neemt de country invloed weer toe en vanaf het einde van de jaren ‘90 tot pakweg de vroege jaren ‘20 is er een sterke bluegrass-invloed. Als muziekstijl is bluegrass misschien minder bekend, maar het is een stijl die sterk beïnvloed is door de Smoky Mountains in de staat Tennessee, waar Parton is geboren, en waar verschillende invloeden samenkomen. Er zijn de Engelse, Ierse en Schotse melodieën en invloeden die samen met meer Afro-Amerikaanse ritmes en banjoklanken de sfeer en geluid van de muziek bepalen. De muziek is minder geschikt om te dansen, maar toont de virtuositeit van de artiesten sterker dan klassieke countrymuziek. Het album uit 2023 met een sterke rockinvloed toont dan weer aan dat ze niet vies is van muzikale experimenten.

Er wordt soms gesproken en geschreven over kunst met een grote K of cultuur met een grote C en, toegegeven, Dolly Parton is vermoedelijk niet de persoon die onmiddellijk wordt geassocieerd met een van beide. Dat ze deel uitmaakt van de populaire cultuur daarentegen staat minder ter discussie, maar of haar muziek en persoon meer is dan dat is een dringendere vraag. Een auteur die Parton zonder voorbehoud zou willen verdedigen, zou er bijvoorbeeld fijntjes op wijzen dat zij meer dan honderd miljoen platen heeft verkocht, in elk decennium van haar carrière een top-vijfnotering in de country charts behaalde, talloze Grammy’s en andere muziekprijzen won, en bovendien twee keer werd genomineerd voor een Oscar. Hoewel ze de Oscarnominaties nooit heeft kunnen verzilveren, ontving ze in 2025 toch een Jean Hersholt Humanitarian Award, een ere-Oscar voor haar humanitaire werk met haar Imagination Library waarmee ze de afgelopen dertig jaar aan miljoenen kinderen meer dan 300.000.000 gratis boeken heeft verdeeld.[3] In wat volgt wil ik de verdediging van Dolly echter inhoudelijk opnemen.

De vraag wat er precies te consolideren valt, laat zich uiteindelijk samenvatten als de vraag wat nu eigenlijk het ‘merk’ Dolly Parton vormt. En dat is geen vanzelfsprekende vraag. Hamessley legt bijvoorbeeld de nadruk op het belang en de hoogstaande kwaliteit van haar muziek en niet zozeer op haar beeldvorming. Maar Edwards laat zien dat Dolly Parton altijd Dolly Parton speelt omdat dit haar toelaat zichzelf te zijn en te doen waar ze goed in is. Dit is bijzonder paradoxaal en onthult tegelijk een zorgvuldig geconstrueerde en bewust gecultiveerde persona. Melnick, op haar beurt, laat dan weer vooral de impact zien die Parton heeft in het leven van de luisteraars. Ze gebruikt de songs van Dolly Parton om haar eigen ervaringen van misbruik een plaats te geven en te kunnen verwoorden. Delffs tenslotte, opnieuw op een vrij autobiografische manier, toont dat Parton de bijbel citeert, maar niet vervalt in hoog-theologische discussies, ze belichaamt het gezegde dat woorden wekken en voorbeelden trekken door regelmatig gewoon het goede te doen. In 2016-2017 ondersteunde ze talloze families na bosbranden en in 2020 doneerde ze 1 miljoen dollar voor de ontwikkeling van een COVID-vaccin.

 

Dolly als authentiek?

De aandachtige (en geïnteresseerde) lezer kan ik uiteraard de muziek van Dolly Parton warm aanbevelen en ook de recente hierboven genoemde publicaties verdienen aandacht. Ik ga in wat volgt echter maar kort in op beide omdat het onmogelijk is het haar muzikale oeuvre te bespreken in het korte bestek van dit artikel. Hetzelfde geldt voor de recente ‘trilogie’, waarvan een volledige bespreking meer ruimte vergt. Wat echter wel essentieel is voor wat volgt, is de observatie dat het beeld dat Dolly Parton van zichzelf ophangt altijd heel bewust geconstrueerd was en is en dat dat beeld tevens onstabiel is. In het bijzonder Edwards toont aan hoe Parton in het vormgeven van haar publieke verschijningsvorm gebruik maakt van enerzijds het beeld van de onschuldige en ietwat preutse vrouw uit de Smoky Mountains, maar dat ze dat stereotiep zelf actief ondermijnt door haar bekende (en duidelijk met plastische chirurgie aangepaste) ‘goedkope’ uiterlijk dat ze, al naar haar eigen woorden, vormgegeven heeft door te kijken naar een ‘straatmadeliefje’ uit haar jeugd.

Het ‘personage’ Dolly Parton is dus gefabriceerd door Dolly Parton zelf. Dat werkt ze op verschillende manieren in de hand. Er is om te beginnen dus haar opvallende fysieke uiterlijk en haar hypervrouwelijke verschijning. De kledij, de pruiken, de make-up en de rhinestones (de glitterende steentjes op haar kledij en bekend van het lied The Rhinestone Cowboy van Glen Campbell) maken deel uit van het bewust geconstrueerde beeld van overdrijving. Dit gaat gepaard met zelfrelativering en humor samengevat in wat sommige auteurs ‘dollyisms’ noemen. Dit zijn tegenstrijdige uitspraken die vaak de draak steken met zichzelf. Deze uitspraken gaan van ‘het kost veel geld om er zo goedkoop uit te zien’ tot ‘ik vind het niet erg dat mensen me een dom blondje vinden, ik ben namelijk niet dom en helemaal niet blond’ (Dolly Parton draagt altijd een pruik). Tenslotte laat Parton zich ook niet voor een gat vangen. Al vroeg in haar carrière bekritiseert ze bijvoorbeeld de hoge verwachtingen die aan vrouwen worden opgelegd, maar die niet voor mannen lijken te gelden. Ze spreekt bovendien openlijk over haar geloof, maar laat in het midden of ze het mysterie van God, het mysterie van muziek, of het mysterie van seks nu het belangrijkste vindt. Ze identificeert zich meestal niet actief als feminist, maar haar muziek is populair in LGBTQ+ kringen en al grappend zegt ze soms dat als ze niet als vrouw geboren was, ze vermoedelijk een dragqueen zou zijn.

Zoals de titel van dit artikel aangeeft, en dus misschien in een onverwachte wending, ben ik ervan overtuigd dat de Canadese filosoof Charles Taylor wat dit aangaat interessante inzichten heeft te bieden. In zijn The Ethics of Authenticity beschrijft hij hoe de moderniteit mensen voor bijzondere uitdagingen stelt. Sinds de moderniteit leven we in een individualistischere wereld die onttoverd is en waarin de instrumentele rede een grote impact heeft op verschillende domeinen van ons leven.[4] In deze omstandigheden, zo stelt Taylor, hebben we geen toegang meer tot een soort alles-overkoepelend verhaal, wat hij noemt the great chain of being. Dit overkoepelend verhaal, waarin alles en iedereen om kosmologische of religieuze redenen een plaats had, heeft vandaag niet meer de zeggingskracht dat het ooit gehad heeft. Deze evolutie wordt niet door iedereen gekwalificeerd als onverdeeld positief. Volgens Taylor drukken mensen hun bezorgdheid uit dat samen met het verlies van een grotere sociale en kosmische inbedding de mens ook iets anders, namelijk betekenis, verloren heeft.[5]

Volgens Taylor heeft in onze cultuur een subjectivering plaatsgevonden. Verschillende zaken die vroeger werden geregeld door een beroep te doen op traditie, gewoontes of zelfs de Natuur (of natuurwet), kunnen vandaag door mensen zelf worden vormgegeven en gekozen. Dit heeft verschillende en heel diverse gevolgen. Het idee van moderne vrijheid en dat van autonomie verwijzen de mens terug naar zichzelf, werpen hem of haar terug op zichzelf. Het ideaal van de authenticiteit, dat volgens Taylor vandaag een centrale plaats inneemt, zorgt ervoor dat we allemaal zelf verantwoordelijk zijn voor onze identiteit en dat we zelf moeten en kunnen ontdekken hoe we onze identiteit articuleren.[6]

Wanneer het over identiteit gaat, zijn we vandaag dus in veel sterkere mate op onszelf aangewezen dan onze voorouders. Taylor maakt hier een belangrijk onderscheid tussen de vorm en de inhoud van hoe we dat doen. Hij argumenteert dat onze identiteit self-referential moet zijn, met andere woorden, dat identiteit moet verwijzen naar het zelf van de betrokkene. De keuze voor een bepaalde inhoud moet vormelijk de eigen vrije en vooraf onbepaalde keuze zijn. Volgens Taylor betekent dat echter niet dat de inhoud strikt zelfverwijzend (auto-referential) moet zijn. Het is zelfs denkbaar dat we pas werkelijk voldoening kunnen vinden wanneer we zelf kiezen voor een vorm van vervulling in God, in een politieke roeping of in iets dat met de natuur verbonden is, precies omdat deze domeinen betekenis bezitten onafhankelijk van onszelf.[7]

Wat betekent het dan om vandaag vorm te geven aan de eigen identiteit? Volgens filosofen Antoon Braeckman, Bart Raymaekers en Gerd Van Riel stelt Taylor dat de mens zich nog nooit zoveel vragen heeft gesteld over de eigen identiteit als vandaag, en wordt de mens in ongekende mate gekenmerkt door onzekerheid daaromtrent.[8] Braeckman, Raymaekers en Van Riel verduidelijken het belang van een gemeenschappelijkheid zelfs in de constitutie van een individuele identiteit:

De constitutie van onze identiteit vereist een symbolisch kader. En dat kader is altijd ruimer dan het strikt individuele. Het is gemeenschapsstichtend. Het is weliswaar meestal impliciet en de mate van explicitering verschilt van cultuur tot cultuur, maar het symbolische karakter is inescapable, het is nooit echt afwezig.[9]

Zonder in al te groot detail te treden vat ik het symbolisch kader hier zeer breed op. Om te kunnen beschrijven wat de kracht en de vitaliteit van die symbolen zijn, heeft men een interpretatieve menswetenschap nodig want de ‘harde’ wetenschappen slagen er niet in exact te vatten of uit te leggen wat het betekent om tot een culturele orde te behoren. Het belang van de verbinding van enerzijds de individuele identiteit en anderzijds het behoren tot een groep komt sterk naar voren.[10] Er loert dan wel een gevaar om de hoek. ‘Op het ogenblik dat ik mijzelf wil definiëren […], liefst op een originele manier, ontstaat de mogelijkheid dat wat ik aan mezelf toeken, niet overeenkomt met wat anderen mij willen toekennen.’[11] Bij het vormgeven van een bepaalde identiteit kan er dus ook een spanning bestaan tussen wat je zelf opbouwt en hoe anderen je zien.

In dit opzicht is het werk van kunstenaars in korte tijd sterk veranderd. Taylor geeft het voorbeeld van hoe kunstenaars en schrijvers tot in de achttiende eeuw kunst veeleer zagen als mimesis, nabootsing. Het is tegen het einde van de achttiende eeuw dat de focus definitief komt te liggen op het scheppende en niet op het afbeeldende aspect van kunst. In de idee van mimesis is een taalregister beschikbaar voor kunstenaars met referenties die het grote publiek probleemloos kon vatten. Beeldende kunstenaars konden zonder problemen bepaalde thema’s of onderwerpen te berde brengen zonder dat er extra uitleg nodig was en bovendien gaven die thema’s of onderwerpen een extra laag betekenis die inherent was.[12] Het gedeelde kader of framework, the great chain of being, liet namelijk toe om betekenis te articuleren.

Als een schrijver of dichter vandaag iets ter sprake brengt dan is het zo dat men de betekenis van een woord of van een beeld moet proberen te vatten door te kijken naar het geheel van woorden en beelden gebruikt door die auteur. Taylor gebruikt daarvoor de term triangulate the meaning. Dit is een soort van driehoeksmeting uitvoeren tussen de term die gebruikt wordt, het geheel van termen dat door de schrijver/dichter wordt gebruikt en de betekenis van de dingen die ter sprake worden gebracht. Taylor illustreert dit met het voorbeeld van Rainer Maria Rilke (1875–1926), die in zijn poëzie de term ‘engelen’ gebruikt. Het gaat er daarbij niet om een middeleeuws wereldbeeld op te roepen waarin engelen voor de troon van God eeuwig ‘heilig, heilig, heilig’ zingen. In plaats daarvan nodigt Taylor ons uit voorbij de letterlijke betekenis van de woorden van Rilke te kijken en te onderzoeken welke onderliggende gevoeligheid of ervaring de dichter tracht te articuleren.[13] Een verhaal vertellen of een gedicht schrijven vereist dat schrijvers en dichters zelf hun visie op de kosmos of de wereld uitspreken. Taylor spreekt dan ook over subtielere talen en hun belang in het articuleren van bijvoorbeeld identiteit. ‘The poems are finding the words for us. In this ‘subtler language’ – the term is borrowed from Shelley – something is defined and created as well as manifested. A watershed has been passed in the history of literature.’[14]

In het voorafgaande, maar ook in wat nog volgt, argumenteer ik dat Dolly Parton, op haar geheel eigen wijze, beantwoordt aan het ideaal van de authenticiteit. In de woorden van Taylor:

There is a certain way of being human that is my way. I am called upon to live my life in this way, and not in imitation of anyone else’s. But this gives a new importance to being true to myself. If I am not, I miss the point of my life, I miss what being human is for me.[15]

Meer zelfs, volgens Taylor is het een wijdverspreid idee geworden dat mensen zich niet zomaar aan een externe autoriteit moeten conformeren, maar dat ze zelf op zoek moeten naar het ideaal/model volgens hetwelk ze hun leven willen inrichten. Zichzelf trouw zijn betekent dan ook dat men de eigen originaliteit trouw blijft; het is door de articulatie van die eigenheid dat men zichzelf ontdekt. Volgens Taylor is een typische uiting of expressie van dit moderne ideaal van authenticiteit en gaat dat ideaal gepaard met nastrevenswaardige doelen zoals zelf-vervulling en zelfrealisatie.[16] Dit sluit aan bij een centraal thema uit zijn invloedrijke werk Sources of the Self: The Making of the Modern Identity, waar hij benadrukt dat identiteitsvorming veronderstelt dat we onderzoeken wie en wat we zijn omdat we in de moderne opvatting nog niet altijd weten wie we zijn.[17]

 

I taste the sun and rain

In het eerste deel van dit artikel heb ik kort aangetoond dat Dolly Parton haar eigen beeldvorming actief stuurt en een vorm van authenticiteit creëert door soms schijnbaar tegengestelde elementen strategisch tegenover elkaar uit te spelen. Verschillende van haar boutades illustreren op treffende wijze het belang dat zij hecht aan zelfbeschikking en trouw aan zichzelf. Een vaak geciteerd dollyism dat dit perfect samenvat, luidt: ‘Find out who you are and do it on purpose.’ En dat is net wat ze momenteel doet door boeken uit te brengen. Ze blijft het narratief over zichzelf controleren en articuleren, ook voor wanneer het origineel er niet meer zal zijn om te laten zien dat ze zichzelf was.

De inzichten van Taylor over authenticiteit en subtielere talen gaan echter ook op voor het inhoudelijke luik van wat Parton doet. Aan de hand van één concreet nummer wil ik aantonen hoe ze ook in haar muzikale werk, en in het bijzonder met haar taalgebruik, nieuwe ruimtes weet te openen die voorbij het oppervlakkige gaan. In Holding Everything zingt Dolly Parton samen met Kent Wells over het totaal van de kook zijn bij het fysiek vasthouden van een geliefde. Zo zingt ze, in een zorgvuldig opgebouwde zichzelf overtreffende trap:

            ‘When I’m touching you – I feel a sudden change

When I’m kissing you – I taste the sun and rain

When I look at you – I hear the angels sing

And when I’m holding you… I’m holding everything’

Vanuit een strikt zakelijke of objectieve benadering van taal is dit onzinnig. Ik ga hier niet zo ver te ijveren voor een erkenning van Dolly’s liedjes als poëzie, maar desalniettemin toont dit refrein een zeer zorgvuldige opbouw qua tekst. Het elkaar aanraken geeft aanleiding tot een verandering in gevoel, het kussen doet het hoofdpersonage de zon en de regen proeven (hoe die ook mogen smaken), louter naar de geliefde kijken is al genoeg om de engelen te horen zingen en uiteindelijk, elkaar vasthouden betekent alles vasthouden. De ervaringen gaan in crescendo. Er komt zelfs een hemels koor van engelen aan te pas. Net zoals Rilke de betekenis van zijn engelen moest articuleren, functioneren de engelen in dit lied als symbolen die de hemelse sferen oproepen: totale vervoering, het opgenomen en weggedragen worden. Dit ene voorbeeld volstaat hopelijk om aan te geven hoe Dolly Parton, hoe verrassend de keuze initieel misschien ook was, op een bijzonder paradoxale manier uiting geeft aan een modern authenticiteitsideaal.

Ik blijft er dan uiteindelijk ook van overtuigd dat de Tayloriaanse lens op Parton steekhoudt. Als geen ander doet Dolly Parton wat Taylor samenvat als: ‘We are all called to live up to our originality.’[18] En hoewel Taylor bij het schrijven over authenticiteit vermoedelijk niet Dolly Parton voor ogen had, staat het volgens Edwards als een paal boven water dat ‘Parton’s own self-expression vitally depends on her projection of genuineness,’ en dat ze in haar gender performance altijd transgressief is. Ze gaat dus veel verder in haar kritiek dan eenvoudigweg zichzelf parodiëren omdat ze impliceert dat iedereen, zij in het bijzonder, altijd ‘in drag’ is en altijd een rol speelt. Diep vanbinnen, echter, weet zij exact wie ze is.[19] Om die reden kon ik in 2024 al schrijven dat het origineel altijd beter blijft dan de kopie, juist omdat het bij Parton gaat om een bewust gecreëerd en daardoor paradoxaal ‘geconstrueerd authentiek’ origineel. Op geheel eigen wijze belichaamt Dolly Parton het moderne ideaal van jezelf zijn en de mogelijkheid om die eigenheid te articuleren. Toegegeven, haar aanpak is opvallend en soms uitgesproken ‘in your face’, maar precies daardoor werkt het ook zo overtuigend.

 

Dr. Jens Van Rompaey is theoloog en religiewetenschapper (KU Leuven) en filosoof (UA). Hij behaalde zijn doctoraat in de systematische theologie aan de KU Leuven in 2025. Momenteel is hij postdoctoraal onderzoeker aan de UCLouvain. Zijn onderzoeksinteresse richt zich op de intersectie van geloof, cultuur en theologie, met een bijzondere interesse voor synodaliteit en de organisatiestructuren van de katholieke kerk.

 

 

Bibliografie

Bij het schrijven van dit artikel maakte ik dankbaar gebruik van de volgende bronnen:

 

Boeken van Dolly Parton

Dolly Parton en Robert K. Oermann, Dolly Parton, Songteller: My Life in Lyrics, Chronicle Books, San Francisco, CA, 2023 [origineel 2020])

Dolly Parton en Holly George-Warren, Dolly Parton, behind the Seams: My Life in Rhinestones, met Rebecca Seaver, Ebury Press, London, 2023.

Dolly Parton, Rachel Parton George en Maurice Miner, Good Lookin’ Cookin’: A Year of Meals – a Lifetime of Family, Friends, and Food, Ten Speed Press, New York, NY, 2024

Dolly Parton en Tom Roland, Dolly Parton, Star of the Show: My Life on Stage, Ten Speed Press, New York, NY, 2025

 

Achtergrondliteratuur

Leigh H. Edwards, Dolly Parton, Gender, and Country Music, Bloomington, Indiana University Press, IN, 2018

Dudley Delffs, The Faith of Dolly Parton: Lessons from Her Life to Lift Your Heart, Zondervan, Grand Rapids, MI, 2018

Lydia Hamessley, Unlikely Angel: The Songs of Dolly Parton, Women Composers, University of Illinois Press, Urbana, IL, 2020

Lynn Melnick, I’ve Had to Think up a Way to Survive: On Trauma, Persistence, and Dolly Parton, Spiegel & Grau, New York. 2022

 

Charles Taylor

 

Charles Taylor, Sources of the Self, Harvard University Press, Cambridge, MA, 1989

Charles Taylor, The Ethics of Authenticity, ebook [2018], Harvard University Press, Cambridge, MA, 1991

Charles Taylor, A Secular Age, Belknap Press of Harvard University Press, Cambridge, MA, 2007

Charles Taylor, The Language Animal: The Full Shape of the Human Linguistic Capacity, The Belknap Press of Harvard University Press, Cambridge, MA, 2016

 

 

[1] Jens Van Rompaey, ‘Dolly Parton. Over muziek, covers, originaliteit en feminisme’, in Streven, oktober 2024, https://streventijdschrift.be/dolly-parton-over-muziek-covers-originaliteit-en-feminisme/.

[2] Dudley Delffs, The Faith of Dolly Parton: Lessons from Her Life to Lift Your Heart, Zondervan, Grand Rapids, 2018; Leigh H. Edwards, Dolly Parton, Gender, and Country Music, Indiana University Press, Bloomington, 2018; Lydia Hamessley, Unlikely Angel: The Songs of Dolly Parton, University of Illinois Press, Urbana, 2020; Lynn Melnick, I’ve Had to Think up a Way to Survive: On Trauma, Persistence, and Dolly Parton, Spiegel & Grau, New York, 2022.

[3] ‘Dolly Parton’s Imagination Library’, geraadpleegd 9 januari 2026, https://imaginationlibrary.com/.

[4] Charles Taylor, The Ethics of Authenticity, ebook 2018, Harvard University Press, Cambridge, 1991, blz. 1 ev.

[5] Taylor, The Ethics of Authenticity, blz. 2-4.

[6] Taylor, The Ethics of Authenticity, blz. 81.

[7] Taylor, The Ethics of Authenticity, blz. 81-82.

[8] Antoon Braeckman, Bart Raymaekers, en Gerd Van Riel, Wijsbegeerte, 7de dr., Lannoo Campus, Tielt, 2013, blz. 289.

[9] Braeckman, Raymaekers, en Van Riel, Wijsbegeerte, blz. 289. (Cursief in het origineel)

[10] Braeckman, Raymaekers, en Van Riel, Wijsbegeerte, blz. 289-90.

[11] Braeckman, Raymaekers, en Van Riel, Wijsbegeerte, blz. 291.

[12] Taylor, The Ethics of Authenticity, blz. 82-83.

[13] Taylor, The Ethics of Authenticity, blz. 83-84.

Voor de engelen voor Gods troon, zie het Bijbelboek Jesaja, hoofdstuk 6.

[14] Taylor, The Ethics of Authenticity, blz. 85.

[15] Taylor, The Ethics of Authenticity, blz. 28-29.

[16] Taylor, The Ethics of Authenticity, blz. 29.

[17] Charles Taylor, Sources of the Self, Harvard University Press, Cambridge, 1989, blz. 178.

[18] Taylor, Sources of the Self, blz. 376.

[19] Edwards, Dolly Parton, Gender, and Country Music, blz. 50 & 145.

Niet-zo-subtiele articulaties van subtielere talen
JR’s Caverne du Pont Neuf
La philosophie dans le cauchemar: ‘A room of his...
Kundry, een meervoudig personage in de opera Parsifal...
Een liedje is meer dan een audiobestand
Kunst tot en met: het recente werk van...
Oefeningen in compassie
Aleksandr Grechaninov, bruggenbouwer
Chaos, geordend
Kunst zonder Grenzen, Venetië Biënnale 2024
De wijn is op!
Ensor en de toerist
Het leven is maar een droom – Ode...
Januari 1677: de laatste première van Racine I
In Memoriam Bill Viola (1951-2024)
Dolly Parton. Over muziek, covers, originaliteit en feminisme
Geslaagd: de speelse, verfraaiende, opwekkende streetart van Invader
Christelijke feministische theologie
De blik. Fotografisch werk van Karim Abraheem
Februari 1673
Napoleon – het Waterloo van Ridley Scott
Patricia Highsmith en haar kinderen
Verlatenheid bij Ziegelaar, du Bouchet en Trakl